Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat wilde nu nog niet zoo heel veel zeggen, want de «fameuze kerels» uit Fedor von Alsen's aristokratischen vriendenkring waren voor de groote meerderheid ontzettende leeghoofden. Vooral als de graaf <net iemand voor mij» was; de hemel beware me voor den tros van adellijke kollega's, heeren en dames van — tot — op en over, die hunne wankelende slotmuren lieten behangen van het honorarium voor afschuwelijke romans. ... t

De binnentredende scheen, ten minste naar t uiterlijk, niet een van de allerergste soort. Hij had een middelbare, slanke gestalte, zijn voorhoofd was hoog en aan beide zijden ervan week het zachte haar, dat een kleur had alsof er een laagje asch licht overheen geblazen was, in groote bogen terug. Een korte, pikzwarte baard viel neer op het dichtgeknoopte jacquet, naast de blauwzijden punt van een kunstenaarsdas; zijn gelaatskleur was sterk gebruind door leven in de gezonde lucht, maar er schemerde geen sanginistisch rood door; zijn lichtbruine oogen waren ietwat omsluierd door de sterke welving van het bovenste lid — wanneer deze man werkelijk niets meer was dan een «graaf van het platteland,» die zijn jeugd zoek maakt met jagen en galante avonturen en zijn ouderdom met skatspelen en rheumatiek, dan had de natuur weer eens aardig met physionomiën haar spel gedreven. Den naam verstond ik niet bij het voorstellen — maar Fedors uitdrukking «de Spreewaldgraaf» had ik onthouden door het vreemde ervan. Hij sloeg een snellen, doch opmerkzaam onderzoekenden blik op mij, mijn naam kende hij uit de litteratuur. Dus was hij tóch een van die bedenkelijke graven, die. . .

Hij gedroeg zich trouwens zeer gereserveerd. Hij het zich het toestel nauwkeurig door Fedor uitleggen en toonde zich in 't algemeen tevreden; de kritiek, die hij op onderdeden uitoefende, deed denken aan het oordeel van een vakkundig slotenmaker of behanger. Met de wereld der geesten, die hier zouden komen spoken, scheen hij ook zeer goed op de hoogte.

— Doe uw best, lieve vriend, den kerel in de voorafgaande donkere séance gerust te stellen. Laat het mechanisme niet te vroeg werken. De geest zal waarschijnlijk eerst bij de tweede of derde verschijning ver genoeg uit de coulisse komen. De zaak moet of goed, of heelemaal niet lukken.

— U gelooft dus ook, heer graaf, dat die mister Thomas opzettelijk bedriegt, waagde ik in 't midden te brengen.

Sluiten