Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het tooverkabinet binnentreden om «desverlangd de kleeren van het medium te onderzoeken en het vastbinden te kunnen regelen en daar toezicht op te houden.»

In de gegeven omstandigheden was er aan deze voorzorgsmaatregelen weinig gelegen. Fedor greep pro forma even in de bovenzakken, de luitenant stelde een tamelijk eenvoudig vastbinden van hals, handen en voeten van het medium aan den stoel voor, en verklaarde onder het binden met eenigen trots, dat hij die methode reeds viermaal voor dit doel aangewend had en dat ze absolute zekerheid gaf. Daar mister Thomas bij alle vier voorafgaande séances in weerwil daarvan die Gordiaansche knoopen gelukkig ontkomen was en als een vroolijke geest ten tooneele was verschenen, kon men wel ongeveer narekenen, wat er van die ^absolute zekerheid» aan was. Maar waarom zouden we dien man nog overbodige last aandoen, hij moest juist vrij kunnen komen om recht gemakkelijk in den gespannen valstrik te kunnen loopen! We zorgden dus dat die historie spoedig in orde was en keerden naar de andere kamer terug.

Hier bepaalde, bij afwezigheid van het medium, de generaalsweduwe wat er gedaan moest worden. De stoelen Werden in een halven cirkel voor de portière opgesteld, Fedor bleef natuurlijk aan den uitersten linkervleugel, waar het koord eindigde. Vooroverbuigen of van zijn stoel opstaan onder de séance werd ten strengste verboden. Het scheen ditmaal niet noodig de kaarsen uit te doen. De luitenant moest voor de piano gaan zitten en een melancholisch wijsje spelen. Hij speelde trouwens goed en zou in meer geloovige zielen stellig een voor indrukken hoogst vatbare mystieke stemming opgewekt hebben.

In het kabinet bleef het aldoor doodstil, de geesten hadden blijkbaar weer eens tijd noodig om op hun verhaal te komen. Misschien ook bood een der militaire knoopen toch nog buitengewone moeielijkheden aan. Dat zou jammer geweest zijn. Eindelijk ritselde de portière en knapte telijkertijd een der plaatjes van den parketvloer. Als dat een geest was, dan had hij tenminste een fermen stap.

— Ik zie in de reet een licht schitteren! riep de gezelschapsdame.

Aller oogen staren uitgespannen, de luitenant houdt met spelen op en zet zijn lorgnet op. Niets. Maar de portière komt niet weer tot rust, er is wat daarin, men zou zeggen: twee tastende handen, die niet op de goede plaats schenen te kunnen komen. Nu, de geesten hadden

Sluiten