Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zieke makkers gedood worden. Professor G. Jaeger, l) de uitnemende dierkenner, voert bij hoenders en honden het overvallen van angstig geworden dieren terug tot den geur, dien zij bij hun angst verspreiden. Nu zal echter later blijken, dat vogels in het geheel niet kunnen speuren, zoodat die verklaring zeer weinig waarschijnlijk is, en het dus veeleer is aan te nemen, dat men hier te doen heeft met eene oude gewoonte. Dat een hond een anderen hond, dien men ranselt, wil bijten, moet eveneens niet zoozeer verklaard worden uit den geur, dien hij in zijn angst afgeeft, als uit het feit, dat de hond meestal geneigd is, zijnen meester bij alles wat deze doet, bij te staan.

De dikwijls gemaakte opmerking, dat ooievaars en zwaluwen de zwakkere jongen uit het nest werpen of ze dooden, als zij ze niet meer tot aan hun vertrek kunnen grootbrengen, heeft men eveneens — en naar onze meening terecht — trachten te verklaren uit den drang tot zelfbehoud van de ouders. Evenzoo trachten vele natuuronderzoekers het merkwaardige feit, dat reigers zonder zich te verzetten hunne jongen door kraaien laten wegrooven, daardoor te verklaren, dat zij aannemen, dat dit telkens het geval is, als een zóó groot aantal jonge reigers moet gevoed worden, dat de ouders daartoe niet in staat zijn.

Ook van de marmotten wordt iets dergelijks verhaald. Volgens de waarnemingen van een aantal natuuronderzoekers houden de marmotten, die in den zomer in een nauwer of losser familieverband leven hoog in het gebergte, dicht bij de sneeuwgrens, des winters vóórdat zij zich met hunne familie terugtrekken in hunne winterwoningen, eene groote monstering, en sluiten ieder vermagerd en verzwakt individu of ieder ziek dier, dat nog niet geheelde wonden heeft, van het betrekken der gemeenschappelijke winterwoning uit. Die zieke dieren zijn

1) Die Entdeckung der Seele, Deel I, blz. 69.

Sluiten