Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

derlijkheid verliest, omdat het zich dagelijks kan herhalen. Tegenover vijandige menschen zou het verdedigingsmiddel zoo dwaas zijn als slechts mogelijk is. Men stelle zich voor, dat een aantal spionnen in een vijandelijk gebied des nachts een legervuur aanstaken en dan zorgeloos insliepen. Zij zouden dan juist gedaan hebben wat hen het gemakkelijkst zou kunnen verraden en weerloos maken, en nauwelijks zou ooit één der slapenden weder ontwaken.

Voor zoover ik kan nagaan, hebben de oude schrijvers zich niet uitgelaten, waar het eene verklaring van het feit geldt. Het feit op zich zelf was reeds den ouden Homerus bekend, immers in de Ilias wordt van den wijkenden Ajax gezegd: l)

Zooals een vurige leeuw van de runderen binnen het hofperk Wordt door de honden verjaagd en de landbouwdrijvende mannen, Welke hem niet toelieten den vetsten te rooven der runders,

Wakend den nacht doorbrengend: begeerig het vleesch te verslinden Valt hij ze aan, maar woedt te vergeefs; want tal van hun speren Vliegen hem te gemoet, door de wakkere handen geslingerd,

Tal van hun vlammende fakkels; hij deinst in zijn woedenden aanloop, Tot hij bij 't krieken des daags mismoedig van hart zich verwijdert.

Wij zien hieruit weder, dat Homerus een voortreffelijk waarnemer der dieren was, en dat de leeuw toenmaals in de woonplaats van den dichter moet hebben geleefd. Ook Plinius wijst uitdrukkelijk in zijne schildering van den leeuw op diens angst voor het vuur.

Dat niet alle wilde dieren door het vuur worden verjaagd, wordt door Brehm duidelijk aangetoond 2). Hij zegt:

„Op eene dergelijke wijze rnaakt men in de noordelijke gedeelten van Indië gebruik van buffels, om in de nabijheid te komen van herten, en eveneens gebruikt men ze ten slotte om des nachts jacht te maken op wild van elke soort, van

1) Elfde Boek 548—556, vertaling van Vosmaer.

2) Deel III blz. 462.

Dr. Th. Zell, Hebben de dieren verstand ?

9

Sluiten