Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV.

Bewijzen voor de juistheid der hier gegeven theorie.

Kunnen de vogels speuren ?

Het grootste gedeelte van de verklaringen, die ik tot nu toe heb trachten te geven, staat en valt met de juistheid der telkens weder verdedigde theorie, dat in de natuur als grondwet geldt: „Hoe beter de oogen zijn, des te slechter is de reuk." Ook het omgekeerde dezer grondwet is waar.

Het ligt daarom voor de hand, dat alle omstandigheden moeten worden vermeld, die ten gunste of ten nadeele dier theorie spreken. Dat vogels voortreffelijke oogen hebben, daarover heerscht bijna volkomen eenstemmigheid. Dus kunnen zij volgens bovengenoemde wet niet speuren. Ik heb dat reeds herhaaldelijk beweerd l) en wensch nu de juistheid dier bewering in bijzonderheden aan te toonen.

De bewering, dat de raaf het kruit in het geweer kan speuren, eene bewering, van welker waarheid tallooze houtvesters doordrongen zijn, is slechts eene onjuiste gevolgtrekking uit de op zich zelf volkomen juiste waarneming, dat de sluwe vogel veel eer wegvliegt als men hem nadert met een geweer, dan met een stok. Daar nu de jagers bijna zonder uitzondering te doen hebben met dieren, die een uitmuntenden reuk hebben, zooals honden, vossen, herten, reeën, hazen enz., zoo is het zeer goed

1) Hamburger Nachrichten, Sonutagsbeilage 1902, No. 14 en 15.

Sluiten