Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r-n nu is onder het vachtgrauw van een wiebelende lucht E de stüle stad gekomen, zijnde begoocheling voor onze omwende o„gen,8raggig achter de sneeuw d.e om ons

yalt, kwOnerig, ^ van huisjes, zoo ge zeidet,

Jnk .ethische vensters smal en ribblg opgaand den een naast den ander tot een blonde wük; waterig geel, weergriis maar ook als appelbloesem versch. nen de murenkleuren in deez' koud-tooverige buurt, met t tulpengroen van luikenverf en vensterhout, onder het anemonenrood van de natte dakjes, soms hagelwolk-blauw, maar schemerig het al, nu' het witte hemclpoeder gehe.mvol rond ons neêrlaat in de st'||e stad.

Het°°wasS inleen straat eerst dat wij gingen de kalme . lonas die runterie gespitst of met rondkapjes gekroond ofTet karnende puïenj waren

di^Ui,reklVbtrirenenm ve"ueSn va" goud-^Lopte stokken feestelijk, banieren schuin opgedragen uit gordels hiehien' de huizen allen hun vlaggestokken .n de geveltorst klaar voor het ontvangen van een Jomnf p«ar.

^nkèfs Stallen'Spiegelend 'Zg.

Daar °gaat ?en ^«een^^kt Ie

Sluiten