Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deze wijsheid leerde kennen. Alleen zij, die in de priesterkaste opgenomen werden, werden er langzamerhand in ingewijd. Zoolang ze „og Neophiei waren, d. i. nog eerst in de voorbereiding verkeerden, kwamen zij het eigenlijke niet te weten. Waren zij gereed om ingewijd te worden, dan moesten zij een gansche reeks van moeielijke en ten deele gevaarlijke proeven doorstaan, eer zij tot priester ingewijd werden. Werden zij waardig bevonden, dan werden hun de° geheime krachten ontsluierd, en waren zij magiërs* geworden. Het is wel een feit van beteekenis, dat Mozes ook in die wijsheid onderwezen is, en als wij de egyptische overlevering mogen gelooven, was hij zelfs tot priester gewijd; doch 11a zijn optreden als gezant van den Eel Sjaddaï, den God der israëlitische vaderen is hij door de Egyptenaren tot //afvallige'/ gebrandmerkt, en wordt hij door hen beschuldigd de priestergeheimen verraden te hebben.

Dat nog vele eeuwen later Egypte als de bakermat der magie werd beschouwd, blijkt uit de beschuldiging, door heidensche bestrijders van het Cristendom tegen Christus aangevoerd, dat Hij Zijn wondermacht zou ontleend hebben aan de kennis der magie, die Hij gedurende Zijn verblijf in Egypte in Zijn jeugd van de

priesters aldaar zou geleerd hebben.

Of de kennis der magie uit Egypte naar Babylonië en Perzie is gekomen, en de Chaldeën en perzische Magiërs leerlingen waren van egyptische priesters, is niet uit te maken. Den hoogen ouderdom der el'yptische magie in aanmerking genomen is het mogelijk, doch ook kan het zijn, dat in Babel de vorschende menschelijke geest zelfstandig gekomen is tot de ontdekking dier geheimzinnige verborgen krachten. Meer grond is er voor het geloof, dat sommige grieksehe wijzen, zooals Pythogoras, in Egypte magische kunsten hebben leeren kennen; ook de mysteriën kunnen met de egyptische

magie samenhangen.

In den tijd van de vestiging van het Christendom was de magie een wapen der heidenen tegen het christelijk geloof. Als de Christenen zich beriepen op de wonderen van Christus, van de profeten en van apostelen en andere Christenen wezen de heidenen op de magische wonderen van personen als Apollonius van Tyane en anderen.

Een gevolg hiervan was, dat de christelijke kerk eene vijan-

Sluiten