Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij een geheel verheven zijn boven de stof toch het denken, willen en gevoelen met den mensch eemeen hebben, ja zijn taal spreken, zijne gedachten denken ?

Of moeten wij misschien aannemen, dat de poorten der hel zich geopend hebben en de drommen uit den afgrond, de legioenen des Satans over de wereld zich verspreid hebben, om onder allerlei leugenachtige en listige voorwendsels de menschen »door teekenen der leugen en leeringen der duivelen» te verleiden en af te voeren van het geloof?

Of hebben de Spiritualisterren Spiritisten gelijk, als zij gelooveti, dat noch een soort vreemdsoortige wezens, noch de duivelen der hel het zijn, die tot ons komen, maar (lat het menschen zijn, in niets anders van ons onderscheiden dan hierin, dat zij het stoffelijk organisme afgelegd hebben en overgegaan zijn tot eene andere, wereld?

Om het antwoord op deze vragen te vinden moet men niet beginnen met eene meening vooruit vast te stellen aangaande deze geesten. Op elk gebied, en ook op dit geheimzinnige gebied is eisch de zaak, die men wil leeren kennen, te onderzoeken in zijn aard, en uit hetgeen men langs dezen weg te weten komt zijne meening op te maken. Als reizigers ergens een nieuwe, tot dusverre onbekende volksstam ontdekken, in vele punten anders dan andere volksstammen, dan maakt toch niemand zijn oordeel over die schepselen op volgens de eene of andere theorie, maar meu put uit de waarnemingen van hen, die met hen in aanraking kwamen. Hetzelfde geschiedt, waar het een vreemde diersoort betreft. En zou men dan ten opzichte van die geheimzinnige wezens, die meu «geesten» noeint, anders te werk gaan?

Wil men weten, wat en wie die geesten zijn, dan moet men kennis nemen van wat aangaande hen blijkt uit hunne /'manifestaties». Stelt men voorop, — zooals velen nog steeds doen, — dat het niet anders kunnen zijn dan «duivelen,» dan kan men natuurlijk niet onbevooroordeeld onderzoeken. Alles wat een ongunstigen dunk van hen geeft, bevestigt de opvatting als zouden het duivelen zijn; en alles wat voor hen schijnt te pleiten maakt men krachteloos door de stelling, dat het eene listige huichelarij is, een »zich voordoen van den Satan als een eugel des lichts». Er is dan geen verder onderzoek mogelijk.

Sluiten