Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moge het mogelijk zijn, dat dit aanleiding ia voor die persoon om te komen en zich te openbaren, toch is dat komen vrijwillig, en dat verlangen geen oproepen. En zeer dikwijls gebeurt het, en elk onderzoeker weet dit bij ervaring, dat de zoo vurig verlangde persoon of personen zich niet manifesteert of manifesteeren, maar in plaats daarvan onbekenden, aan wie men in het geheel niet gedacht heeft.

Toch kunnen de onderzoekers, zonder het bepaald te bedoelen, er invloed op uitoefenen, wie zich aan hen openbaren zal. Daar er een wet der geestelijke cohaesie of affiniteit bestaat, waardoor verwante geesten, ofschoon plaatselijk van elkaar gescheiden, toch met elkander in eene zekere betrekking staan en invloed op elkander uitoefenen, zoo is er ook een band tusschen de afgestorvenen en hunne op aarde achtergelaten bloed- en geestverwanten. Wanneer nu iemand zeer sterk iu zijne gedachten zich bezig houdt met een dierbare afgestorvene, dan gevoelt deze afgestorvene dit, onverschillig of hij dichtbij of veraf is, of hij verblijf houdt in den donkeren Hades der rampzaligen of in de hemelsche oorden der zaligen. En dit gevoel trekt hem als onweerstaanbaar naar den persoon, die aan hem denkt, en hij snelt tot hem. Is het dan in eene seance, dat zoo aan hem gedacht wordt, dan is er veel waarschijnlijkheid, dat de geest zich zal manifesteeren, hetzij onwillekeurig, tengevolge van zijne tegenwoordigheid, hetzij opzettelijk, om aan het liefhebbend verlangen tegemoet te komen.

Dit geestelijk rapport bestaat echter niet alleen, zooals natuurlijk is, bij Spiritisten of Spiritualisten en hunne geestelijke vrienden en bloedverwanten. bestaat evenzeer bij hen, die niets willen

weten van gemeenschap met afgestorvenen. Zonder dat zij het zich bewust zijn of er besef van hebben roepen zij in dezen zin menigmaal hunne overleden vrienden en bloedverwanten, door sterk aan hen te denken, zich in de herinnering aan hen te verliezen of bitter om hen te treuren. Zonder dat zij het weten of vermoeden, zijn dan die afgestorvenen, die zij «ver van hier» wanen, zeer dicht bij hen, als 't ware aan hen gebonden door een geestelijken band. Eu het is geen wonder, dat deze dan, wetende, dat om hen getreurd wordt, ja hoorende, hoe over hen gesproken wordt, beproeven hunne tegenwoordigheid te openbaren. Is er een medium in de nabijheid,

Sluiten