Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het zeker wel goed zal zijn, althans voor hen, die zalig worden.

Intusschen, al ware het waar, de.t zij, die zoo spreken, niets meer behoefden dan wat zij hebben, dan nog blijft daar over die breede en altijd breeder wordende schare van hen, die niet meer of nauwelijks meer golooven aan een leven na dit leven. Men moge uit de hoogte neerzien op die »ongeloovigen« en hen veroordeelen, omd.it zij niet op gezag der kerk willen aannemen, dat er na den dood een ander leven en eene vergelding wacht, toch is liet niet te ontkennen, dat, wanneer eenmaal twijfel in het hart is ontwaakt aangaande die leer, het, buiten het Spiritualisme om, zeer moeilijk is dien twijfel te overwinnen. De kerk leert het; nu ja, maar op grond waarvan leert zij het? »0p grond van den bijbel!* zegt men. Maar in het O. T. wordt er bijna niet over gesproken, en in het N. T. zeer weinig; en bovendien, eer men op gezag van den bijbel het gelonven kan, moeten eerst de bezwaren tegen dat gezag weerlegd worden! En dan, is de leer der onsterfelijkheid in den bijbel niet verbonden met de leer van eene opstanding des lichanms uit het graf ten jongsten dage? En leert niet reeds de rede, dat de gedachte, dat eens uit den grond, waarin de lijken reeds eenwen tot stof zijn vergaan, een nieuw lichaam te voorschijn zal komen, en dat dan eerst, nadat dit wonder is geschied, de mensch ophouden zal een schim zonder gestalte te zijn, ongerijmd is? Hoe stapelen zich absurditeit op absurditeit bij deze voorstelling! Is het wonder, dat velen, wien het om waarheid te doen is, zich met weerziu afwenden van zulk een gedrochtelijke leer, en liever aan de wetenschap vragen, wat er wordt van hen na den dood ?

En welk antwoord kan de wetenschap geven? VVat weet zij anders te vertellen, dan dat er een ontbindingsproces plaats grijpt, en het cellen weefsel, dat wij "mensch« noemen, uit elkander valt, om tot de elementen terug te keeren en mee te werken tot het vormen van andere organismen? De wetenschap weet van geen ziel, en dus ook niet van een voortleven.

En zie, nu komen die verachte manifestaties, en leveren den ernstigen onderzoeker het proefondervindelijk bewijs van het bewust, persoonlijk voortbestaan des menschen na den dood! Wat tot dusverre niets meer was dan een dogma, dat men al of niet geloofde op gezag eener k<srk of op gezag van eene «-heilige Schrift», het

Sluiten