Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ALGEMEENE INLEIDING.

De wetgevende machine werkt langzaam, terwijl de hoeveelheid verwachte arbeid, vooral op sociaal gebied, belangrijk toeneemt. Veel werk, dat zou verricht moeten worden om de wetgeving in overeenstemming met de vorderingen der wetenschap en de eischen der moderne samenleving te houden, blijft rusten. Aan algeheele herziening van een of ander wetboek wordt met huivering begonnen en partieele herziening is dikwijls het uiterste, dat verkregen wordt.

Jaren verloopen, eer alle stadia van den wetgevenden weg voorbijgegaan zijn. Zelfs in Duitschland, waar eene eenvormige wetgeving nog moest komen, duurde het meer dan eene kwait eeuw, voordat de nieuwe wetboeken, welke omstreeks 1900 zijn ingevoerd, tot stand gekomen zijn. De herziening van de Strafprozessordnung achtte men reeds voor vele jaren noodig en het

einde is niet te zien.

In Frankrijk viert de wetgeving van den grooten Napoleon eerstdaags haar eeuwfeest. De algeheele herziening van den Code d'instruction criminelle, in 1879 aangevangen, is uitgeloopen op de Wet van 8 December 1897, welke beoogt betere waarborgen aan den beschuldigde gedurende het vooronderzoek te verschaffen, doch in hare resultaten onvoldoende blijkt te zijn.

In ons land geldt nog steeds de wetgeving van 1838; alleen het Wetboek van Strafrecht is van 1881. Weliswaar is het procesrecht belangrijk gewijzigd en een nieuw faillieteru'echt tot stand gekomen, maar de herziening van het Burgerlijk Wetboek en van het Wetboek van Koophandel, waaraan Staatscommissiën ruim twintig jaar geleden zijn begonnen, ligt nog in 't verre verschiet. Ook het Wetboek van Strafvordering eischt dringend herziening.

Is het te verwonderen, dat de herziening van de militaire wetgeving nog langzamer vordert? Reeds in 1820 bleek zij in ons land noodig en nauwelijks eenige maanden geleden zijn het Wetboek

1

Sluiten