Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vergeheii samenviel, en bovendien de vergrijpen voor de indiensttreding gepleegd aan den gewonen rechter bleven. Er zijn Militaruntergerichte, Militarbezirksgerichte, Milit&rstandgerichte en een Miliüïrobergericht, niet territoriale afgrenzing der bevoegdheid. In Pruisen waren de Kriegsgerichte bevoegd over militairen tot eene divisie, een regiment of een garnizoen behoorende. De Militaruntergerichte waren bij de korpsen samengesteld uit den korpscommandant, als voorzitter; een officier en een auditeur, als bijzitters; en een griffier. Zij kwamen overeen met de Pruisische Standgerichte, ook wat de bevoegdheid betrof, doch daar ontbrak het rechtsgeleerd element. Militarbezirksgerichte bestonden alleen te München en te Würzburg. De „Bezirkskommandant" was Vorstand, die ter terechtzitting in den regel door een generaal of hoofdofficier als Vorsitzende werd vervangen. Deze laatste had dan geen recht van stemmen. Een auditeur was „Direktor" en leidde eigenlijk het proces, terwijl een aantal officieren en auditeuren als rechters fungeerden. De beslissingen omtrent het vooronderzoek, dat door een auditeur en een griffier werd gehouden, werden, wanneer het commune delicten betrof, door drie auditeuren en bij militaire delicten door twee auditeuren en een officier genomen, liet Gericht was voor het hoofdonderzoek .samengesteld uit den Vorsitzende, den Direktor, twee auditeuren en een secretaris, als het gemeine Verbrechen und Vergehen betreft; uit dezelfden en twee officieren bij militarischen Verbrechen; en uit den Direktor, een auditeui en een officier bij militarischen Vergehen. Bij samenloop van een militair en een commun delict richtte zich de samenstelling naar het zwaarste misdrijf. De „Urtheilsfallung" geschiedde door dit aldus samengestelde college; de schuldvraag daarentegen werd beslist door gezworenen, actieve militairen of gepensionneerden van denzelfden rang als de beschuldigde. Bij zware delicten waren er twaalf, anders zes gezworenen. Het Militarobergericht bestond behalve uit den president — een luitenant-generaal — uit rechtsgeleerden en was hof van appel. Bovendien onderzocht het gewezen doodvonnissen. Het Militarstandgericht was een exceptioneel college bestaande uit een voorzitter en twaalf leden, dat in buitengewone omstandigheden, onder militaire bedekking, in liet vrije veld zitting hield en binnen 24 uur beslissen moest, of de beschuldigde terstond ter dood gebracht zou worden of niet.

Sluiten