Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu zal wel vaststaan, dat de militaire leden der militaire rechtbanken geen algemeene rechtskennis bezitten. Daarover zijn allen het eens. Maar zelfs, wanneer men een oogenblik van meening mocht zijn, dat de kennis van het strafrecht alleen voldoende is, zal men zonder de officieren te kort te doen, kunnen zeggen, dat zij geen grondige kennis van het strafrecht hebben. In 1881 zeide de generaal Den Beek Poortugael in de vergadering der Nederlandsche JuristenVereeniging, over de samenstelling van den krijgsraad sprekende l): „Wanneer ik dan zeide, dat ik aan de officieren hooge talenten toeken, en in hen hooge eigenschappen waardeer, dan moet ik eerlijk erkennen, dat mij zelfs als directeur van de krijgsschool, ééne hoedanigheid van hen ontgaan is, die de heer Pols mij heeft leeren kennen. Ik wist niet, dat zij als het ware geboren juristen zijn. En dat moeten zij wel in diens systeem zijn, want als ik zie, dat het aan hen is overgelaten om te beslissen in hoogst moeilijke rechtsvragen, vraag ik, hoe het anders mogelijk is: want de officieren hebben van beginselen van het strafrecht nooit iets geleerd 2). De regel: pour savoir quelque chose il faut 1'avoir appris, schijnt dus hieromtrent op hen niet toepasselijk." Bij de behandeling der staatsbegrooting voor 1903 bracht een der leden van de Tweede Kamer de weinige lesuren gewijd aan de behandeling van het militair recht met de aanstaande officieren onder de aandacht van den Minister van Oorlog, die daarop dit bescheid gaf: 3) „ Het zou misschien wenschelijk zijn de officieren als geheele of zelfs als '/■> juristen op te leiden, maar voor de betrekkelijk eenvoudige kennis, die de officieren moeten hebben in deze materie, geloof ik, dat het aantal uren voldoende is. Men behoeft geen jurist te zijn; geen weg Ie weten in den bewijsgang, wanneer men maar in staat is het militair strafwetboek uit te voeren' '). Was de Minister hier in 't vuur zijner rede vergeten, dat nog altijd de commune delicten door den militairen rechter worden berecht? Mag ik hem, met alle respect, het oordeel

strafrechtspleging kunnen voordoen, en waarvoor liet niet voldoende is enkel ecnige studie te hebben gemaakt van het strafrecht, maar waarvoor ook kennis van het recht in het algemeen hoogst noodzakelijk is.» (Verslagen blz. 529.) ') Handelingen, II blz. 220.

2) Ik cursiveer hier.

3) Handelingen 11)02-1001!, blz. 788".

4) Ik cursiveer hier.

Sluiten