is toegevoegd aan uw favorieten.

Militaire rechtspleging

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft bekend, tenzij dit door den Plaatselijken of Garnizoenscommandant of officieren-commissarissen wordt noodig geoordeeld '). Teneinde den Plaatselijken of Garnizoenscommandant in staat te stellen hieromtrent te oordeelen, moeten de officieren-commissarissen hem na elk verhoor rapport uitbrengen 2). Moeten er bijzondere verhooren worden afgenomen of plaatsopneming geschieden, dan mogen de officieren-commissarissen dit doen met vooi kennis van den Plaatselijken of Garnizoenscommandant s). Bevindt de beklaagde zich op vrije voeten en verschijnt hij na tweemaal gerequireerd te zijn, niet voor officieren-commissarissen, dan zullen dezen daarvan rapport doen aan den Plaatselijken of Garnizoenscommandant, die „daarop het arrest van den niet verschenen gerequireerde ordonneeren zal" 4). Blijkt de tijd, om getuigen te requireeren of beeedigde verklaringen van elders in te wachten, te kort, binnen welken een nader verhoor aan den beklaagde volgens de artikelen 66 en G7 R. L. moet worden afgenomen, of een ander beletsel te bestaan, dan verleent de Plaatselijke of Garnizoenscommandant, na deswege officieren-commissarissen te hebben geraadpleegd, het volstrekt noodzakelijk uitstel onder zijne verantwoordelijkheid in deze 5).

Wanneer de beklaagde zich onwillig betoont om te antwoorden op alle of sommige vraagpunten of zijne antwoorden onbetamelijk inricht, zal daarvan rapport gedaan worden aan den Plaatselijken of Garnizoenscommandant door officieren-commissarissen, met wie overleg gepleegd wordt nopens de op te leggen „zoodanige correctieve middelen als kunnen strekken om den beschuldigde te doen besluiten om aan zijne verplichting te voldoen ). Ook onwillige getuigen zal de Plaatselijke of Garnizoenscommandant „bij anest, tot het geven van getuigenis der waarheid, constringeeren ).

Nadat de informatiën afgeloopen zijn, brengen de officierencommissarissen daarvan onder overgave van de betrekkelijke stuk-

') Art. 24 R. L.

2) Artt. 23, 51 en 52 R. L.

3) Art. 26 R. L.

4) Art. 65 j°. 23 R. L.

6) Art. 68 j°. 23 R. L.

®) Artt. 81, 82 j". 23 R. L. Zie over dit inquisitoriale middel beneden § 5.

') Art. 91 j°. 23 R. L.