Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 5. Het vooronderzoek.

Uitvoerig heb ik stilgestaan bij het vooronderzoek, zoowel om zijne belangrijkheid als om den zich overal openbarenden zin dit gedeelte van het proces te hervormen en in overeenstemming te brengen met het meer accusatoiren geest uitademende eind- of hoofdonderzoek. Ik heb daar het tweeledig doel besproken: eenerzijds zorg, dat de rechten van den verdachte, die allerminst al veroordeelde is, worden bewaard; en anderzijds gelegenheid voor het Openbaar Ministerie om het noodige feitenmateriaal te verzamelen ').

In hoeverre beantwoordt nu het vooronderzoek in het militaire strafproces hieraan?

In Frankrijk omvat de procedure voor den krijgsraad drie phasen: 1°. 1'instruction, 2°. la mise en jugement et la convocation du conseil de guerre et, 3°. 1'examen et le jugement. De eerste beiden vormen het vooronderzoek, de laatste het hoofdonderzoek. De instructie omvat twee phasen: 1°. het onderzoek voor den officier de police judiciaire, en 2°. de eigenlijke instructie. Zoodra een soldaat verdacht wordt een „crime ou délit" bedreven te hebben, besluit de regimentscommandant, dat tegen hem „une plainte en conseil de guerre" zal worden ingediend. De compagniescommandant maakt terstond „un rapport circonstancié sur les faits incriminés" op, dat in handen gesteld wordt van den officier de police judiciaire, een officier van den troep door den regimentscommandant uit de kapiteins aangewezen2). Deze, bijgestaan door een onderofficier als griffier, neemt den verdachte het eerste verhoor af. „Les officiers de police judiciaire militaire font, comme leurs collègues de la police ordinaire, les premières constatations, réunissent les preuves et les pièces de nature a servir a la manifestation de la vérité" zegt Taillefer 3).

Dat dit verhoor van grooten invloed op den verderen loop van het proces is, spreekt van zelf, doch het gewicht ervan wordt nog

') Zie hiervoor blz. 101—107.

2) Aldus Jannesson, t. a. p. blz. 48, die zeker den déiégué volgens art. 85 van den Code de justice militaire op 't oog heeft, wijl art. 84 ook van officieren van anderen rangen zelfs van onderofficieren der gendarmerie spreekt.

3) T. a. p. blz. 261.

Sluiten