Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor den rapporteur. Een dergelijk herhaald onderzoek is niet bevorderlijk aan eene goede rechtspraak. Veelvuldige verhooren, telkens door andere autoriteiten afgenomen, stichten verwarring en wanneer dan nog bovendien van het proces-verbaal van de vorige verhooren gebruik gemaakt wordt, ontstaat bijna de zekerheid, dat scheeve voorstellingen van feiten en verhoudingen opgewekt worden. „Nous croyons" zegt Jannesson ') — „pouvoir affirmer que, dans la plupart des cas, le capitaine rapporteur et son substitut — un jeune officier qui n'a pas même a défaut de connaissance en droit, la sage expérience de son supérieur — voudraient, bien souvent, n'avoir pas ce dernier document a leur disposition. Ils voudraient surtout que le prévenu n'ait pas subi, déja, un premier interrogatoire qui aura eu, le plus souvent, pour résultat d'éventer les questions qu'ils pourront lui poser, dans la suite. Celui-ci saittrès bien, en efïet, qu'il peut mentir impunément a 1'instruction du corps et se réserver de dire la vérité seulement devant le rapporteur; mais, en attendant, il a pu réfléchir tout a son aise, et se faire un système de défense, prévoyant, a peu prés, d'après la nature des questions posées, dans le premier interrogatoire, celles qu'on pourra lui adresser dans le second". Met dit laatste ben ik het in strekking eens, doch meen, dat Jannesson te veel waarde hecht aan de bekentenis van den beschuldigde en ten onrechte aan deze de gelegenheid van zich over zijne verdediging te bedenken wil ontnemen. Immers deze gelegenheid wordt nog veel grooter, wanneer hem een verdediger ter zijde staat, die hem niet alleen raad geeft, maaide verdediging meevoert. Ook is niet juist, dat de beschuldigde ongestraft kan liegen, daar elke bekentenis met redenen moet herroepen worden, anders is deze herroeping suspect. Bovendien bestaat de mogelijkheid, dat hij omgekeerd eerst waarheid spreekt en later een valsche bekentenis aflegt uit angst, uit zucht om er af te zijn, enz.

Zoodra de rapporteur oordeelt, dat de instructie voltooid is, d. w. z., dat de noodige feiten onderzocht zijn om den verdachte in staat van beschuldiging te stellen of hem van verdere vervolging te ontslaan, maakt hij een rapport als laatste werkzaamheid. Dit rapport, dat zoowel ter inlichting van den général commandant Ia

') T. a. p. blz. 52-53.

Sluiten