Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lingen betreffende het vooronderzoek, vooral door den Untersuchungsführer gedaan; d. alle handelingen betreffende de preventieve hechtenis; e. het door den Untersuchungsführer na sluiting van het Ermittelungsverfahren opgemaakte procesverbaal met de conclusie. Voorts moet van elke Untersuchungshandlung een protocol opgemaakt worden en een Gerichtsschreiber tegenwoordig zijn bij de verhooren van den beschuldigde, de getuigen (deskundigen) en bij de plaatsopneming. Ongeacht de bekentenis moeten de elementen van de betrokken strafbare handeling als gepleegd, enz. worden vastgesteld ').

Uitvoerig zijn enkele maatregelen betreffende het vooronderzoek in de wet geregeld. Zoo het verhoor van den beschuldigde; de voorloopige aanhouding en de preventieve hechtenis; de verhooren van getuigen en deskundigen, waaronder de rechten van dezen; de plaatsopneming, sectie, beslagneming, huiszoeking en papieronderzoek 2). In tegenstelling met den Code de justice militaire, waar ten aanzien van dergelijke maatregelen naar den Code d'instruction criminelle wordt verwezen, bevat de Militarstrafgerichtsordnung een geheel van procesregelen. Weliswaar zijn zeer vele bepalingen aan de Strafprocessordnung ontleend, doch zij zijn afzonderlijk opgenomen, zelfs niet eens altijd juist of op de juiste plaats. Zoo bevatten de §§ 185—242 voorschriften omtrent het getuigen- en deskundigenverhoor, bijna geheel uit de Strafprozessordnung overgenomen, maar daar staan zij in het algemeen gedeelte, zoodat zij zoowel op het Vorverfahren als op het Hauptverfahren toepasselijk zijn, terwijl zij in het militaire proces volgens hunne plaats alleen op het Ermittelungsverfahren betrekking hebben. Toch moeten zij ook gelden in het Hauptverfahren, daar er anders „Lücken im Gesetze" zijn '). Het zal duidelijk zijn, dat tengevolge van de verwijzing naar het gewone recht het Fransche militaire procesrecht nauwer aan het civiele strafproces sluit dan het Duitsche militaire procesrecht. Ook met betrekking tot de rechtspraak zou eene verwijzing naar het gewone wetboek beter zijn.

De Untersuchungsführer bezit uitgebreide bevoegdheden, voor-

') weiffenbach, Einfiïhrung in die Militarstrafgerichtsordnung, blz. 74—77. s) §§ 171—242 Militarstrafgerichtsordnung.

3) Zie hierover Stenglein, Kommentar, aanm. 8 ad § 185 (blz. 131.)

Sluiten