Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terechtstaat, terwijl men door geheimzinnigheid allerlei vooronderstellingen doet geboren worden, die in werkelijkheid het prestige van dien meerdere en daardoor indirect de krijgstucht veel meer schaden. Is gelijkertijd de mindere beleedigde partij in het proces b.v. bij mishandeling, dan geldt dit nog meer en is juist, wat Von Marck zegt1): „denn was hier der Disciplin schadet, ist bereits vollzogen durch die That; die Anwesenheit des Verletzten bei der gerechten Aburtheilung des Thaters kann den Schaden nur einigermassen bessern." Alleen openbaarheid kan het vertrouwen en het aanzien teruggeven!

§ 287 verbiedt alle actief dienende militairen van lageren rang dan de beschuldigde, openbare zittingen bij te wonen. Een voorschrift in 't belang der discipline gegeven, maar dat elk vertrouwen in den soldaat miskent. Immers ieder burger mag de zitting bijwonen en de pers verslag ervan geven, zoodat de mindere toch kan weten, wat ter terechtzitting is gebeurd, zoo het hem niet reeds lang bekend is, waarvoor zijn superieur zal terechtstaan. Waarom nu den soldaat elk vertrouwen ten aanzien van zijn oordeel en zijne billijkheid ontzegd en hem verboden te hooren, wat hij toch van hooren zeggen te weten komt?

Hoe gezegd kan worden, dat zoowel tegen deze beperking als tegen de algemeene uitsluiting van vrouwspersonen, welke mogelijk is volgens § 288, „sich erhebliche Einwendungen wohl kaum erheben werden" 2), is mij onbegrijpelijk. De gelijkstelling van vrouwen met „unerwachsenen und solchen Personen, welche sich nicht im Besitze der bürgerlichen Ehrenrechte befinden, oder welche in einer der Würde des Gerichts nicht entsprechenden Weise erscheinen," pleit niet voor den Duitschen wetgever in het laatst der negentiende eeuw.

Voor de Hauptverhandlung geldt het beginsel der onmiddellijkheid, daar de rechter door een onmiddellijken indruk van de persoonlijkheid van den beschuldigde, de getuigen en de deskundigen en door hunne mondelinge mededeelingen zijn oordeel moet vormen. De rechter is niet aan bepaalde bewijsregelen gehouden, maar „entscheidet nach seiner freien aus dem Inbegriffe der Verhandlung geschöpften

') T. a. p. blz. 116.

J) Von Marck, t. a. p. blz. 115.

Sluiten