is toegevoegd aan uw favorieten.

Militaire rechtspleging

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Principieel onderscheid is moeilijker aan te geven. „Hetzij ruimer, hetzij enger opgevat" — aldus mr. M. de Pinto" ') — altijd blijft het begrip disciplinaire straf, in onderscheiding van de eigenlijke straf, een zeer betwist punt." Ik zal hier — reeds met het oog op den omvang en het doel van dezen arbeid — de verschillende theorieen van het strafrecht moeten laten rusten en mij evenmin wagen aan eene wijsgeerige uiteenzetting omtrent het punt in geschil. Alleen moet ik toegeven, dat wanneer men zegt, straf is een kwaad of een leed, zoowel de eigenlijke straf als de disciplinaire straf onder dit begrip vallen. Men komt daarmee echter niet verdelen het verschil moet naar mijn oordeel ook niet in die richting gezocht worden. Zoowel het tuchtrecht als het strafrecht hebben „die Aufrechterhaltung der Rechtsordnung" ten doel. Toch zal men niet gemakkelijk in de praktijk tucht- en strafrecht verwisselen a), al draagt ook de wetgeving, vooral de militaire wetgeving, tot verwarring bij. Vooral de militaire wetgeving, want daar bleef de bevelhebber, langer dan in de gewone wetgeving eenige autoriteit, tegelijk tucht- en strafrechter, waartoe — gelijk we in de Eerste Afdeeling hebben gezien — het stelsel van legervorming aanleiding gaf.

Ik heb vroeger er op gewezen, hoe bij de Romeinen langzamerhand „die schrankenlose Gewalt des Hausherrn", waarvan Mommsen gewaagt, uitgehold is, zoodat den paterfamilias ten slotte niets als een tuchtrecht overbleef. En de koning nam in den staat dezelfde stelling in als de paterfamilias in het gezin. „Sein Gebot" zegt Mommsen 3), „ist allmachtig im Frieden wie im Kriege. Ihm steht wie dem Vater das Züchtigungsrecht und die Gerichtsbarkeit zu. Er erkennt Ordnungsstrafen, namentlich Stockschlage wegen Versehen im Kriegsdienst. Er sitzt zu Gericht in allen privaten und criminellen Rechtshandeln und entscheidet unbedingt iiber Leben und Tod wie iiber die Freiheit". Ook hier werd „die Strafgewalt" uitgehold en ging het strafrecht op rechterlijke colleges over. Den

') Bijdrage tot de leer der disciplinaire bestraffingen van staatswege bedreigd, blz. 2.

2) Zoo schreef onlangs een bekend staatsman naar aanleiding van eene geruchtmakende zaak, het ontslag van een rijksambtenaar betreffende, «de juristen noemen het ontslag geen straf, maar een tuchtmaatregel. » Moeilijk kan men naar mijn oordeel onder tuchtmaatregel iets anders verstaan dan tuchtstraf.

*1 Römische Geschichte, I, blz. 62,