Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de militairrechterlijke colleges met die van de burgerrechterlijke uiterst moeilijk, omdat bij eerstgenoemden in den regel een andere procesgang bestaat dan bij laatstgenoemden. Zoo gaat het bezwaarlijk om de snelheid van berechting tusschen ons openbaar en mondeling civielstrafproces en ons geheim en schriftelijk militairproces te vergelijken. In Frankrijk zou dit beter gaan, doch hier geldt het bezwaar, wat overal in dit opzicht schijnt te bestaan, dat de statistieke gegevens voor eene dergelijke vergelijking ontbreken 1). Men zou de data moeten hebben, waarop de strafbare handeling gepleegd en bekend werd; waarop de dagvaarding voor den rechter uitgebracht is; en waarop de behandeling en veroordeeling plaats vond; alsmede den aard van het misdrijf en de bijzondere omstandigheden, welke invloed op den duur van het proces hebben gehad. Mij althans ontbreken deze gegevens, zelfs voor ons land.

Ik heb intusschen getracht, voorzoover het doel van dit werk het toeliet, eenige gegevens te verzamelen, die weliswaar geen volledig beeld, maar dan toch eenig denkbeeld van den duur der militaire strafprocedure in ons land geven.

In 9 gevallen van desertie, in het vierde kwartaal van 1902 door den krijgsraad in het le militaire arrondissement ('s Gravenliage) berecht, duurde de behandeling -) respectievelijk 30, 25, 19, 18, 17, 17, 19, 19 en 18 dagen; in 9 gevallen van diefstal of verduistering respectievelijk 20, 19, 20, 22, 17, 18, 15, 21 en 26 dagen; in 5 gevallen van insubordinatie respectievelijk 18, 22, 20, 16 en ruim 30 dagen; in één geval van een misdrijf tegen de zeden 28 dagen en in één geval van eene overtreding van eene politieovertreding 36 dagen. Bij de andere auditien was dit eer langer dan korter. Ten einde den duur der procedure van af den dag, waarop de le informatie in het garnizoen wordt gehouden, te leeren kennen, heb ik de krijgsraadzaken van het garnizoen Utrecht in 1902 nagegaan, voor zoover daarin door den krijgsraad in het 3e militaire arrondissement (Arnhem) vonnis gewezen is. In 17 zaken 3) duurde

') Ook Miricka, t. a. p. blz. 52 klaagt hierover met betrekking tot Oostenrijk.

') D.w.z. van af den dag, waarop de beschuldigde op advies van den auditeurmilitair in arrest gehouden is tot aan den dag van de pronunciatie van het vonnis.

3) Daarvan waren 10 wegens desertie, 2 wegens verduistering, 1 wegens misdrijf tegen de zeden, 1 wegens insubordinatie en 3 wegens politieovertreding. De procedure inzake insubordinatie duurde 56 dagen.

Sluiten