Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

historische gronden voor het bestaan eener afzonderlijke militaire jurisdictie voor onzen tijd van nationale legers en van eene nationale eenvormige rechtspleging niet meer gelden l)- Het is haast overbodig er bij te voegen, dat de vroegere veelvuldige en langdurige oorlogen voor den soldaat den oorlogstoestand tot regel maakten en dat vredesdiensten zelden voorkwamen. Daarmee hield rle militaire wetgeving verband. „Wenn also früher", zegt Miricka 2) zeer juist, „die Militarstrafgesetzgebung eine Kriegsgesetzgebung mit Sonderbestimmungen für den Frieden war, so muss sie heutzutage, urn den geanderten Verhaltnissen Rechnung zu tragen, gerade umgekehrt eine Friedensgesetzgebung mit Ausnahmsnormen tür den Krieg sein.

In de derde plaats vorderen niet alle delicten eene snelle berechting te velde. Het spreekt vanzelf, dat, wanneer er oorlog is, geen beletselen mogen bestaan, welke aan de weermacht in den weg liggen ter bereiking van het oorlogsdoel. Men zou kunnen zeggen dat alsdan geen wetten gelden, maar de wil des opperbevelhebbers, in zooverre hij gericht is op de bereiking van het oorlogsdoel. Daarom wordt ook gewoonlijk in het bezette gebied, in de streek, waar het leger zich ophoudt, de krijgswet afgekondigd. Niet alleen over de militairen, maar ook over de burgers uit dat gebied, uit die streek, spreekt de militaire rechter recht. Doch met onderscheid. Hij berecht ten aanzien van de burgers alleen strafbare feiten, welke het legerbelang raken en deswege of in de gewone wetten als zoodanig zijn opgenomen of door den bevelhebber strafbaar gesteld zijn. Voor de militairen gelden andere regelen. Het behoeft geen betoog, dat in een buitengewonen tijd slechts buitengewone straffen doelmatig zijn. Het gaat niet aan, in tijd van oorlog den soldaat voor betrekkelijk geringe misdrijven met den dood te straffen en nog minder om hem eenigen tijd in eene gevangenis op te sluiten. De keuze der strafmiddelen is dan uiterst beperkt. Bovendien worden de gepleegde vergrijpen door den militairen oorlogsbril bekeken, zoodat de gewone gradatie niet meer geldt. Men zal dan eigenlijk alleen ieiten, welke zeer nauw met de discipline en hare handhaving in verband staan of verraad betreffen, moeten berechten. Met betrekking tot deze feiten, te velde gepleegd, kan ik het woord van prof. Pols 3)

') Zie hiervoor blz. 83.

*) T. a. p. blz. 76.

:l) Zie hiervoor blz. 131.

Sluiten