Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wel spreekt art. 7 der Invoeringswet ook van hechtenis tot verhaal van boete, doch hier is het woord verhaal oneigenlijk en ten onrechte gt. >ezigd, verhaal kan niet anders zijn dan executie op het vermogen.

Daarom mist art. 410 ook toepasselijkheid oj, plaatselijke belastingen aJ worden deze er in genoemd.

Bij deze belastingen gelden toch de gewone regelen voor het geval van wanbetaling, in de artt. 23 en 34 Wetboek van strafrecht gesteld vermits er bij geene wet andere zijn gesteld.

Artikel 70.

Het recht tot strafvordering vervalt door verjaring: 1°. in één jaar voor alle overtredingen en voor de misdrijven door middel van de drukpers gepleegd;

J" ,zes ;'are" voor de misdrijven waarop geldboete, hechtenis ot gevangenisstraf van niet meer dan drie jaren is gesteld ;

■'5°. in twaalf jaren voor alle misdrijven waarop tijdelijke r pexa'igenisstraf van meer dan drie jaren is gesteld: m achttien jaren voor alle misdrijven waarop levenslange gevangenisstraf is gesteld.

1. Dit artikel bevat tegelijk uitspraak over liet beginsel der verjanng en bepaling van de termijnen van verjaring voor de onderscheidene strafbare feiten.

Bij de toelichting van het voor de termijnen aangenomene stelsel is men deels niet volledig, deels niet zeer gelukkig geweest

In het oorspronkelijke ontwerp was de verjaringstermijn voor overredingen en voor misdrijven door middel van de drukpers gepleegd bepaald op zes maanden. Voor overtredingen achtte eene minderheid m de Commissie van Rapporteurs den termijn te kort: de meerderheid deelde dit gevoelen niet, maar wilde daarentegen den termijn voor drukpersdel.cten verlengd zien. De Minister bepaalde daarop in het gewijzigde ontwerp den termijn voor beide op een jaar, en gaf dus aan de wenschen van meerderheid en minderheid beide toe i)."

1) Van de verjaringstermijnen bij bijzondere wetten vastgesteld zijn bij de

rrr,-art-iü-60 v00- * *«<*

gen^tsehaTpeÏ ^ ™ * ,0eZicht °P * on«dene kerk-

Sluiten