Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarop men de verjaring heeft doen berusten, en dat. wanneer geen

gebruik is gemaakt van het valsche, vervalschte of geschondene de

verjanngstermijn voor de valschheid en de schennis ninuner tegi.it te

loopen, ofschoon deze misdrijven onafhankelijk van het gebruik maken btiatbaar zijn.

Onder den dag waarop gebruik is gemaakt zal te verstaan zijn -Ie ag waarop voor het eerst gebruik is gemaakt; heeft de ontdekking

v! n1J-ier', voortgezet gebruik plaats, dan zal niettemin de

valschheid, de muntschenms, verjaard kunnen zijn.

4 In de tweede plaats is eene uitzondering gemaakt voor ,1e m.sdijven van menschenroof, onttrekking van minderjarigen aan het

dl ! 5"® G" V?jheidsrfX,ving' waarblJ de termijn aanvangt op den Ufc na dien van de bevrijding of den dood va„ hem, tegen wien onmiddellijk het misdrijf is gepleegd.

Ook hier wordt de late ontdekking va,, deze soort van misdrijven >« 'Ion regel eerst bij de bevrijding, als reden opgegeven en daarnevens dat tot aan de ontdekking veelal het gevolg van het misdrijf \ ooi tduurt, soms het misdrijf zelf („beroofd houdt" in art 28?)

Oorspronkelijk werd hier alleen gesproken van de bevrijding'; oen amendement, daarop berustende dat de verjaring nimmer eenen aan< h joh kunnen nemen, zoo de dood de bevrijding verhinderde, weid 'oor den Minister terecht overgenomen.

a. Al spoedig na de invoering van het wetboek bleek dat er eene

onübit TT' 7 °Vertredingen is' die in (,e" «'egel zóó laat wonlt lekt, dat de korte verjaringstermijn, aanvangende den dag na het

liegen, de vervolging onmogelijk maakt. Het zijn de overtredingen

O . en ambtenaar van den burgerlijken stand gepleegd, waarvan het

ee,'St."a JanUari Van het ^ Ogende op dat waann /.y gepleegd zijn, ingevolge art. 22 Burgerlijk Wetboek kennis

kan krygen. Vermits nu het voorgeschrevene onderzoek van de acten genumen tijd vordert, bleek een goed deel der overtredingen onvervolgbaar te zyni). Daarom is bij de novelle voor deze overtredingen

de ,,ag ,,a het dépót van de -

De inkleeding van het nieuwe „o. 3 laat ruimte voor eene enkele nkmg. Er wordt gesproken van den dag waarop de registers waaruit de overtreding blijkt, ter griffie zijn overgebracht. Maar niet'

Sluiten