Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dien zin, dat wij de Rijks-autoriteiten in de plaats van de gemeenteautoriteiten lieten handelen, wij zouden dan, geloof ik, centraliseeren op eene wijze, niet overeenkomstig met de Grondwet.

In de laatste plaats, Mijne Heeren, moet ik herinneren, dat de Provinciale Staten, aan wie dit wetsontwerp is overgelegd, ten aanzien van deze artikelen — zoover ik mij herinner, en ik heb het overzicht van de aanmerkingen der Staten nog eens nagegaan — geene opmerkingen van dien aard, als heden in het midden zijn gebracht, hebben voorgedragen. Zij hebben de opmerking in het midden gebracht, dat wellicht de Raad behoorde deel te hebben aan de benoeming van de commissarissen van politie, een denkbeeld dat mij niet aannemelijk voorkomt. Maar dat de voordracht van het stelsel in deze 2de paragraaf vervat, zou zijn ontijdig, dat men daarmede had moeten wachten tot de regeling der algemeene politiewet, dat men aan de burgemeesters zou moeten ontnemen en aan algemeene Rijksambtenaren zou moeten opdragen, van dat alles wat strekken zou 0111 te lichten uit deze wet

wat eene plaats zou moeten vinden in die algemeene politiewet,

van dat alles is geen spoor te vinden in de verslagen der Provinciale Staten, waarin zoo velen zitting hebben die op het platte land wonen, en dus niet onbekend zijn met de behoeften welke daar bestaan. Die Staten hebben gemeend, dat in hetgeen de plaatselijke politie betrof, bij deze wet was voorzien, of ten gevolge der wet kon worden voorzien.

Art. 18(i. Waarschuwingen vóór dat worde overgegaan tot maatregelen van geweld. Welke zijn deze waarschuwingen?

Ik meen, dat de geachte spreker zich zeer juist herinnert, dat in 1848 van wege een departement van algemeen bestuur (en ik meen niet alleen van wege één departement, maar zelfs van wege meerdere departementen van algemeen bestuur) aan de autoriteiten voorschriften ziJn gegeven, ten aanzien van waarschuwingen, als hier bedoeld worden.

In den beginne heb ik mij voorgesteld, dat het mogelijk ware bij deze wet zich te beroepen op die andere wet, welke in het oorspronkelijk ontwerp was aangehaald. Het is mij daarna voorgekomen, dat het beter ware, vooral ten aanzien van dergelijke punten, het zwijgen ten opzichte van eene nog niet aangenomen wet te bewaren. Op°dit oogenblik zal er nu niet zijn eene wet, waarin eene formule van dergelijke waarschuwing zal zijn vervat. Maar er zal uit dit artikel blijken, dat er waarschuwingen moeten gedaan worden eer men overgaat tot maatregelen van geweld, en de formule, de vorm van die waarschuwingen zal nader moeten worden voorgeschreven. Wij willen hopen, dat na het invoeren van dit ontwerp, indien liet wet wordt, de burgemeester niet zoo spoedig in het geval zal komen, dat hij verlegen zal zijn 0111 die voorschriften. Op dit oogenblik dus bestaat er, zoover ik weet, bij wet niete van dien aard; maar dat zou, mijns inziens, in

Sluiten