Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geval van nood geen bezwaar maken: ware de burgemeester met het kiezen van den vorm van waarschuwing verlegen, dan zou die vorm van gouvernementswege kunnen worden voorgeschreven. Het komt toch niet zoo zeer aan op dien bepaalden vorm, als wel daarop, dat er behoorlijke waarschuwingen moeten gedaan worden; dat is, dat er behoorlijke tijd moet worden gelaten van af de tusschenkomst van de publieke macht tot het oogenblik waarop de gehoorzaamheid niet langer kan worden afgewacht, maar de gehoorzaamheid moet worden afgedwongen door maatregelen van geweld.

Art. 187. Bevoegdheid van den burgemeester algemeene voorschriften van politie uit te vaardigen. Deze vervallen indien zij niet worden bekrachtigd in de eerstvolgende vergadering van den Raad, tenzij de burgemeester ten aanzien van een raadsbesluit tot niet bekrachtiging mocht oordeelen te moeten handelen naar de voorschriften «Ier 2de en 3de zinsnede van art. 70. Is de toepassing van art. 70 ten opzichte van dergelijk raadsbesluit wenschelijk ?

De geachte spreker, Mijnheer de Voorzitter, brengt, zoo ik hem wèl heb gevolgd, geene bedenkingen in tegen het hoofdbeginsel, tegen het beginsel dat aangenomen is bij de eerste alinea, dat namelijk de burgemeester in zoodanigen toestand als waarvan sprake is in de voorgaande artikelen, kan geven algemeene voorschriften van politie, in den vorm, met de gevolgen die in het artikel worden aangegeven. Dit vindt bij den geachten spreker geen bedenking.

Nu zegt het artikel in de derde alinea dat „die voorschriften vervallen, zoo zij niet door den Raad in zijne eerstvolgende vergadering worden bekrachtigd; tenzij de burgemeester ten aanzien van een raadsbesluit tot niet-bekrachtiging oordeele te moeten handelen naar de voorschriften der 2de en 3de zinsnede van art. 70".

Wanneer nu het hoofdbeginsel, wanneer die bevoegdheid die hier aan den burgemeester wordt toegekend, geen tegenspraak vindt, is het dan niet noodig aan te nemen het gevolg dat nu uitgedrukt is in de 8de alinea, op de vraag van wege de af deelingen gedaan.

Men zou, wanneer men dit niet aannam, den Raad de macht geven om onmiddellijk om te stooten de werking van de bevoegdheid van den burgemeester, welke bevoegdheid men voor de publieke orde als noodzakelijk heeft erkend. En dit niet alleen, maar men zou ook, naar het mij voorkomt, rechtstreeks handelen tegen het beginsel van art. 70. Het beginsel van art. 70 is, dat de burgemeester, wanneer hij rekent, dat een besluit van den Raad is tegen het algemeen belang, weigeren kan dat besluit ten uitvoer te leggen. Nu is hier in het geval van alinea 1 van dit artikel, het algemeen belang betrokken en de burgemeester zal kunnen zeggen: ik kan de verantwoordelijkheid van de intrekking van die verordening niet op mij nemen; de toestand is dezelfde, als die mijn voorschrift gisteren, eergisteren noodig maakte; de verordening moet blijven gehandhaafd of ik kan voor de rust van

Sluiten