is toegevoegd aan je favorieten.

De onuitgegeven parlementaire redevoeringen van Mr. J. R. Thorbecke

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is niet alleen gericht tegen het voorgestelde amendement, maar evenzeer tegen de paragraaf, in het artikel voorkomende.

Strijd tusschen art. 24 en art. '28?

Ik kan met één woord volstaan. De geachte spreker heeft beweerd, dat er strijd zou zijn tusschen art. 24 en art. 28. Ik kan niet zien, dat er strijd bestaat tusschen art. 24 en art. 28, of welk artikel ook. Maar zoo de geachte spreker dat ziet, hij stelle een amendement voor, om den strijd te doen ophouden.

Nader:

Mijne conclusie blijft dezelfde. Zoo er strijd bestaat, die strijd zal door eene wijziging kunnen worden opgeheven. De geachte spreker zal gewis willen medewerken tot verbetering van de wet, waar deze hem noodig schijnt.

Het amendement van den heer Wintgens wordt met 35 tegen '24 stemmen verworpen.

Art. 30. Antwoord aan den heer Ypeij.

I)e geachte spreker vraagt, of onder partijen derde belanghebbenden zijn begrepen? Onder partijen zijn, mijns inziens, geene anderen begrepen, dan die partijen zijn in het proces. Derde belanghebbenden, die zich in het proces niet hebben, of niet hebben kunnen doen gelden, zijn geene partijen.

Art. 30 '). De heer Gevers vraagt of dit artikel alleen van toepassing zal zijn op goederen, die krachtens art. 14 in de onteigening worden begrepen?

liuiten de schadeloosstelling, krachtens het ontwerp toe te kennen, wenscht hij ook vergoeding te geven aan eigenaars, die zich „tot hunne schade onthielden, hetzij van nieuwe getimmerten of veranderingen op, hetzij van verhuring of hare verlenging van goederen, gedurende den tijd tusschen de aanwijzing der onteigening in art. 7 of 1 '2 bepaald, en zoodanige toepassing van art. 14 of 16, dat die goederen niet meer ter onteigening benoodigd zijn". Ter bereiking van dit doel stelt hij voor achter art. 42 een nieuw artikel in te voegen.

Ik vraag, dat de Voorzitter goedvinde het amendement nu te laten voorlezen. Het is, zoo mij voorkomt, van belang, van mijnen kant daarover nu te spreken, bij de behandeling van art. 39. Ik wenschte echter te voren daarvan nauwkeurige kennis te nemen.

Door den geachten spreker uit Leiden (den heer Gevers van Endegeest),

') Art 30. liij de berekening dor schadevergoeding wordt niet gelet op nieuwe getimmerten of op veranderingen, gemaakt na de nederlegging ter inzage, in art. 7 of in art. 12 bepaald, naar gelang het goed volgens het plan in eerstgemeld, of volgens dat in het laatstgemeld artikel genoemd, ter onteigening is aangewezen.