Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf erkend. Dat vijandschap tegen mij hem het voorstel, door mij aan den Koning gedaan, zou doen laken ~, er is geene gedachte bij mij, die er toe zou kunnen leiden dat te onderstellen; maar ik die de ondersteuning van den geachten spreker, waar het aankomt op de bevordering van de belangen des Lands, steeds op hoogen prijs heb gesteld en op hoogen prijs zal blijven stellen, ik hoop en vertrouw dat het recht zijne verdediging tegen mij nimmer zal behoeven en ik ben overtuigd dat in dit geval het recht die verdediging niet behoeft noch van hem, noch van wien ook.

De geachte spreker heeft gezegd, dat het besluit van den Koninwaarbij die officier ontslagen is, een blaam heeft geworpen op don naam van den ontslagene. Ik wensch vooral niet, dat dergelijke o-ehecl verkeerde mtleg aan een besluit van den Koning gegeven worde? Men kan ontslagen worden, men kan eervol ontslagen worden, maar is het daarom een schandelijk ontslag, wanneer men zonder vermelding van dat eervol ontslagen wordt? Wanneer men eervol wordt ontslagen dan krijgt men een eervol getuigenis boven het ontslag, maar te' zeggen, dat zonder dat getuigenis een blaam is geworpen op een officier, dit is te ver gaan, dit is een dergelijk besluit geheel verkeerd verstaan. Er kan hoegenaamd geen sprake zijn van erkenning van onrecht. \Vanneer ik mocht hebben gedwaald, wanneer ik onrecht mocht hebben gedaan, ik zou de eerste zijn om dit te erkennen. Maar ik ben volkomen overtuigd, dat, wanneer de geachte spreker deze zaak beter zal kennen dan hij ze nu kent, wanneer hij zal weten wat ik heb gedaan, wanneer hij de zaak niet enkel zal kennen uit de woorden van de andere zijde, ik ben volkomen overtuigd, dat hij dan met meer zal verlangen, dat ik erken onrecht te hebben gepleegd'.

Ik zal eene eerstvolgende gelegenheid waarnemen, om den geachten spreker in staat te stellen, hetzij, na ook mij te hebben gehoord te bevestigen hetgeen hij nu heeft gezegd, hetzij, hetgeen ik hoop en vertrouw in te trekken hetgeen hij nu te mijnen aanzien, ten aanzien van deze geschiedenis in een valsch licht heeft voorgedragen

De heer van Dam van Isselt komt termr InHio., ,

l.:; „lot , , . . ° "uiatag, /.ou reaeneert

Y „ V 'u,,"e "ot vonnls van Gedeputeerde Staten zijn

gehandhaafd en de kapitein had, ondanks den tegenstand van den schutter!

■ /.ijne piaais Kunnen olijven bekleeden.

De geachte spreker noemt eene ongelukkige zaak, die, wel beschouwd, wel beoordeeld, in het belang van het recht en van de handhaving van de goede tucht niet ongelukkig, maar veeleer gelukkig behoort te worden genoemd; ongelukkig, ja, voor den man die zoo moest worden behandeld als geschied is. De geachte spreker heeft in zijne eerste rede gewaagd van militaire eer en hij weet beter dan iemand dat die van militaire tucht onafscheidelijk is. Hij heeft nu niet gedacht

TIIOFtHECKE. Pn.rl.pntpntni—a jopo

, ^ lotM J-

-1851. 3'ï

Sluiten