Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afgesneden de vraag in hoeverre in een bepaald geval de dader hetgeen hij mededeelde voor een geheim moest honden, en daarmede alle persoonlijke appreciatie; daarentegen heeft het hoofd der onderneming thans te zorgen dat de betrokkene personen weten wat zij hebben geheim te honden.

2. Het artikel spreekt alleen van ondernemingen van handel of nijverheid. Landbouwondernemingen zouden op zich zelve daaronder niet begrepen zijn, maar zij zijn meestal toch ook ondernemingen van nijverheid en handel, het eerste voor zoover zij betrekking hebben op de fabricatie van zuivelproducten, het andere voor zoover zij verkoop van deze of van gewonnene veldvruchten beoogen 1).

Onderneming kan ook zijn die van eene enkele persoon. Wel wordt in het tweede lid gesproken van het bestuur der onderneming, maar ook hij die voor eigene rekening eene onderneming drijft kan daartoe gerekend worden.

3. Het artikel treft dengene die bij de onderneming werkzaam is of geweest is, heeft dus niet alleen betrekking op hen die in dienst zijn of geweest zijn maar op allen die wegens hunne werkzaamheden met de bijzonderheden van het bedrijf bekend worden: den ambachtsman die geroepen wordt in eene fabriek eene herstelling te doen; evenzoo, indien hij als ambtenaar niet reeds onder art. 272 viel, den ambtenaar der belastingen die toezicht in eene fabriek van spirituosa of suiker houdt.

4. Bekendmaken, zie aanteekening 5 op art. 272.

TITEL XVIII.

MISDRIJVEN TEGEN DE PERSOONLIJKE VRIJHEID.

Artikel 274.

Hij die voor eigen of vreemde rekening slavenhandel drijft of opzettelijk daaraan middellijk of onmiddellijk deelneemt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren.

') Het wijzigingsontwerp van den Minister C'ort van «Ier Linden (1900) loemt landbouwondernemingen afzonderlijk.

Sluiten