Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren.

1. Is voor de enkele opzettelijk gepleegde levensrooving de naam doodslag aangenomen, moord is in het wetboek de technische term voor doodslag' met voorbedachten rade gepleegd. Het onderscheid tusschen de beide misdrijven is gelegen in hetgeen in den dader vóór de uitvoering is omgegaan.

De Memorie van toelichting noemt hetgeen vereischt wordt een tijdstipl) van kalm overleg, van bedaard nadenken. Deze voorstelling is niet volkomen juist en hecht zich te veel aan het in koelen bloede bedachte en overlegde misdrijf, schijnt den opgewekten hartstocht die het plegen van het misdrijf doet beramen, uit te sluiten. Dit is echter niet bedoeld, blijkens de nadere bepaling die van het overleg, het nadenken, gegeven wordt in de onmiddellijk volgende tegenstelling met de oogenblikkelijke gemoedsopwelling.

Bij doodslag zijn besluit en uitvoering éene handeling, bij moord zijn zij gescheiden door eene tijdsruimte die nadenken en overleg omtrent de uitvoering, maar ook omtrent het laten varen van het voornemen toelaat2).

2. Opzettelijk en met voorbedachten rade is eigenlijk een pleonasme, zooals de Raad van State reeds deed opmerken. De redactie van het oorspronkelijke ontwerp werd, nog vóórdat dit bij de Staten Generaal werd ingediend, gewijzigd; van ,,opzettelijk . . . een ander van het leven berooft" werd gemaakt: „een doodslag pleegt."

Toen door de Commissie van Rapporteurs uit de Tweede Kamer wijziging in de indeeling en de redactie werd voorgesteld, kwam de Minister van justitie door het herstel van de oude redactie tegemoet aan een der bezwaren, nl. dat de rechter in zijne vonnissen altijd art. 287 naast art. 289 zou moeten aanhalen.

Gevolg voor de uitlegging van het artikel heeft de wijziging niet gehad. Daargelaten dat bij „iemand van het leven berooven" het opzet eigenlijk niet afzonderlijk behoeft uitgedrukt te worden sluit de voorbedachte raad het opzet in.

3. Het verschil van stelsel tusschen den Code pénal en het Wetboek met betrekking tot de richting van het opzet op het veroorzaken van den dood (zie de aanteekening aan het hoofd van den titel) doet zich ook bij moord gevoelen. Wat de Code pénal als kenmerk van voor-

!) Tijdperk zal bedoeld zijn.

2) Polenaar en Heemskerk, aanteekening 2.

Sluiten