Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wegmaken, doen verdwijnen door ze te dempen of de wallen zoo af te graven dat zij niet meer te onderscheiden zijn, maar zij zijn niet vatbaar voor vernieling, verplaatsing, verwijdering (ook eene verplaatsing) of onbruikbaarmaking, dit laatste niet omdat zoolang eene sloot eene sloot, een greppel een greppel is, de bruikbaarheid tot afbakening niet is opgeheven. In dit opzicht heeft het artikel dus eene belangrijke lacune.

4. Er is geene reden om aan te nemen dat de grensteekenen op openbaar gezag gesteld of als zoodanig aangewezen moeten zijn. De wet maakt hoegenaamd geen onderscheid, en het eenige argument dat ten betooge van het tegendeel is aangevoerd 1), dat de straf te hoog zou zijn, is onjuist omdat de benadeeling van zeer belangrijken aard kan zijn, en wordt te niet gedaan door liet feit dat het misdrijf niet onder die tegen het openbaar gezag is gerangschikt maar eene species van bedrog is.

5. Voor de toepassing van art. 338 moet het misdrijf beschouwd worden als gepleegd tegen hem wiens eigendom verkleind of onzeker gemaakt is.

6. Voor de bijkomende straf zie art. 339.

Artikel 334.

Hij die, met het oogmerk om zich ot' een ander wederrechtelijk te bevoordeelen, door het verspreiden van een logenachtig bericht, den prijs van koopwaren, fondsen of geldswaardig papier doet stijgen of dalen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren.

1. De toelichting van dit artikel wijst er op dat hier deels in vereenvoudigden vorm, deels vollediger, deels ook beperkter teruggevonden wordt de bepaling van art. 419 Code pénal: vereenvoudigd door weglating van nuttelooze omschrijvingen, vollediger door verandering van papiers et effets publics in fondsen of geldswaardig papier, opdat er geen twijfel zij of ook aandeelen in industrieele ondernemingen en schuldbrieven daarvan in de bepalingen begrepen zijn,

x) P. v. J. 1887, no. 22 „Een nieuw delict."

Sluiten