is toegevoegd aan je favorieten.

Het Wetboek van strafrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van dit misdrijf noch van de verdere misdrijven in den titel genoemd dan voor zoover het in eenigen bepaalden vorm daarin wonlt aangewezen (bijv. ter bedriegelijke verkorting van de rechten der schuldeischers); de misdrijven worden geacht benadeeling mede te brengen l).

7. In liet ontwerp, zooals het bij den Raad van State werd ingediend, werd de buitensporigheid der verteringen bepaald door de verhouding der verteringen tot de inkomsten. Dit werd echter inin juist geacht omdat het den koopman niet altijd mogelijk is bij tijdelijk geiingere inkomsten ook tijdelijk geringere verteringen te maken; men vond het onbillijk den koopman te treffen die in de laatste tijden vóór zijn faillissement niet steeds zijne verteringen heeft ingekrompen 2).

Toch zal de vergelijking van de verteringen met de inkomsten niet achterwege kunnen blijven, en de verteringen zijn buitensporig öf indien zij doorgaande niet met de inkomsten in verhouding hebben gestaan öf indien zij bij verminderde inkomsten onnoodig groot gehouden of vermeerderd zijn.

8. In no. 2 wordt gehandeld van den koopman die alleen met het opnemen van geld het oogmerk heeft zijn faillissement uit te stellen, l'i(gesloten is alzoo de poging om het faillissement te voorkomen, wat op voorstel der Commissie van Rapporteurs uit de Tweede Kamer, die met den Kaad van State van meening was dat dit laatste niet duidelijk was uitgekomen, werd uitgedrukt door de woorden „wetende dat het faillissement daardoor niet kan worden voorkomen" 3).

Onder geldopnemingen onder bezwarende voorwaarden, welk begrip bij de behandeling van de wet niet nader is bepaald, zullen wel al die opnemingen \erstaan moeten worden die gedaan zijn onder voorwaarden, meer bezwarend dan die waarop in het algemeen ten tijde waarop het geld opgenomen werd geld te verkrijgen was.

9. In afwijking van het ontwerp is in de wet hier het niet of niet volgens do voorschriften der wet houden van boeken niet strafbaar gesteld; alleen in art. 341 wanneer liet is gepleegd ter bedriegelijke verkorting van de rechten der schuldeischers, voorts in art. 342 voor bestuurders of commissarissen.

Maar wanneer boeken gehouden zijn, is de gefailleerde koopman

1) Rechtbank Arnhem 2 Augustus 1892, P. v. J. 1892, no. 03.

2) 'Sniidt III, eerste druk 8, tweede druk 4.

s) Smidt III, eerste druk 9 en 11, tweede druk 5 en 8.