Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORBERICHT.

Wil ons onderwijs werkelijk goede vruchten afwerpen — ook voor later — dan moet de leerling daarbij geprikkeld worden tot zelfwerkzaamheid , tot eigen waarnemen, tot controleeren als't ware, van't geen de leeraar hem meedeelt.

Dit was het leidende beginsel bij het samenstellen van dit werkje, dat vóór alles wil zijn een Schoolboek.

Zooveel mogelijk is daarom alle „geleerdheid" over boord geworpen, en is er gestreefd naar 'n eenvoudigen stijl. De leerlingen moeten er beknopt, en in bevattelijken vorm grootendeels in terug kunnen vinden, wat het „levende woord" van den leeraar hun heeft meegedeeld.

Het aantal behandelde schrijvers en aangehaalde werken is tot een minimum beperkt, voor zoover dat met de eischen van het eind-examen H. B. S. in overeenstemming was te brengen. Toch meende ik de middeleeuwen niet te mogen overslaan, vooral daar de ridderromans den leerlingen het naast staan en 't meest in hun smaak vallen.

Ter voorkoming van het gedachteloos van buiten loeren heb ik er zooveel mogelijk naar gestreefd, geen oordeel uit te spreken zonder motiveering. De tusschen haakjes geplaatste letters en cijfers — door leeraar en leerling gemakkelijk aan te vullen — geven verschillende bewijsplaatsen aan (vgl. bv. pag. 4). Hierdoor ontstaat het zoo noodige verband tusschen leer- en leesboek.

De keus der stukken is natuurlijk subjektief, maar zooveel ik kon heb ik getracht het meest typische te geven. Jammer, dat met het oog op den leeftijd der leerlingen en de gemengde bevolking onzer scholen, veel achterwege gelaten moest worden, dat het eigenaardige van een schrijver bizonder goed typeert.

Dat van Vondel niet, evenals van Hooft en Breeroo, een of meer

Sluiten