Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rladz.

§ Anna Bijna (+ 1575) 95

Geb. te Antwerpen; refereinen int vroede, int amoureuse, int sotte; krachtige, hartstochtelijke liederen tegen Luther en zijn leer; werken actueel; door gevoel, hartstocht en taal boven tijdgenooten.

Dit comt meest al tsamen uut Luthers doel rij ne; Looft den Heere met desen soeten Meye.

§ 2. Marnix v. St Aldegonde (1538—1598) 102

Studeerde te Genève; Calvinist; vlucht naar Duitschland; burgemeester van Antwerpen; na 1584 naar West Souburg; 1594 — 98 bijbelvertaling te Leiden; Biënkorf der H. Roomsche Kerke, Wilhelmus, Psalmen.

Een Christelyck Liet (W. v. N.); Biënkorf: Voorrede, I. Capittel v d. uitlegging , III. Capittel v. d. verklaring.

III. De Oude Kamer 111

Alofm. Opm. Eglentier kweekplaats groote dichters; na 1584 veel Z.-Nederlanders in Amsterdam , twee kamers ; Eglentier wordt Oude Kamer; veel gedaan voor studie en taalzuivering; Spieghel, Visscher, Coornhert.

§ 1. Dirk Volkertsz. Coornhert (1522—1590): 111

Krachtige persoonlijkheid; verdraagzaam; Amsterdam geboren; Haarlem, plaatsnijder, secretaris, notaris; veel vijanden; uitgeweken; secretaris der Staten v. Holland; uitgeweken; zwerftochten; Kijfhoeken, Zedekunst dat is Wellovenskunste , Vijftich Lustighe Historiën; dichtwerken.

Godt ghevet al zijn ampt en iijt; Zedek dat is wellevenskunst : kindrenplicht; Vijftich lustighe Historiën: Quiquibio.

§ 2. Roemer Visscher (1547—1620) 117

Vooral invloed als gastheer; „saligh Roeraershuys;"

vaak ruw en plat; Sinnepoppen; Brabbelingh (Quicken, Rommelsoo, Tuyters, Raadselen, Jammertjens, Tepelwereken); rustig leven; beroemde dochters.

Sinnepoppen : Thuys Best, Elck wat wils; Brabbelingh :

Quicken (Tot den goedlwïllighen Leser, Joris, Overdreven Beleeftheyt, Amsterdams drie kruysen , Bekocht); Raadselen (Stoof, Kers); Rommelsoo (Adel, Weten).

TWEEDE TIJDVAK (1600-1795).

Inleiding 122

Noord en Zuid steeds meer hun eigen weg; Z in kwijnenden toestand tot 19e eeuw; N. tot grooten bloei; N. Nederl. letteren hooge vlucht in le helft 17e eeuw; 2e helft, achteruitgang; 18e eeuw, toenemend verval.

I. Bloei. (le helft der 17° eeuw) 122

Algem. Opm. 2e helft 80-jarigen oorlog bloei op allerlei gebied; na vrede van Munster kracht gebroken.

Sluiten