is toegevoegd aan je favorieten.

Leer- en leesboek ten gebruike bij het onderwijs in de geschiedenis der Nederlandsche letterkunde op gymnasia en hoogere burgerschoolen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5 Simeon. Bezoeckt ghy weêr de Broeder»?

Komt ghy ons weer bespiên? verklicker, wellekoom.

Levi. Wat of de droomer nu weêr voorquam in den droom ?

Vertel ons uw gezicht, uw' droom, zing op, laet hooren. Simeon. Wat of hem schort? hy zwijght, en heeft zijn tong verloren. 10 Joseph. Mijn Broeders, och ick val voor uwe voeten neer.

Vergeeftme mijn vergrijp, noch eens, en dan niet meer. Levi. Rijs op, het is geen wijs, dat Koningklijcke zielen,

Zich buigende in het stof, voor onderdanen knielen.

Simeon. Was vader niet de zon ? was moeder niet de maen ? 15 Wy starren, schooven? he!

Joseph. och broeders, laet my gaen.

Och broeders, laet mij gaen: 'k wil gaerne voor u bucken, Gelijck den jongste past.

Simeon. rijs op: hoe zal 't hier lucken ?

20 Levi. Nu Koningk Joseph, zegh, wie zal uw stalknecht zijn?

Wie schrijver? wie poortier? wie schencker, om met wijn Te kroonen 's Konings disch ? wie Kamerlingk verstrecken ? Wie muilpaert? wie kameel? wie uw karrossen trecken? Koom herwaert Napthali: koom herwaert Zabulon: 25 • Komt Asser, Isaschar, Gad, Judas, Simeon,

En Dan: dit is de schoof: vernedert uwe schoven.

Duickt starren, zon en maen, dit licht sal 'tal verdooven. Simeon. Ontweldight hem dien staf, en drijft hem n<ier den put. Joseph. Och broeders.

30 Levi. voort, ga voort: dit jancken is onnut.

Simeon. Nu grijn hier na: treek uit dien kakelbonten rock.

Treek uit, eer ick 't u leer.

Levi. ja leer hem met dien stock.

Joseph. Och broeders, kan ick u vermurwen met mijn karmen? 35 Och heb ick 't zoo gemaeckt? och is 'er geen ontfarmen?

Simeon. Schud uit de py, schud uit.

Joseph. hoe heb ick 't zoo gemaeckt?

Levi. Hy sammelt noch.

Joseph. helaes! waer ben ick nu geraeckt?

40 Levi. Daer ghy zult d' uitkomst zien van uwe neske droomen, In eenen donkren put.

Joseph. waer ben ick nu gekomen,

Daer God woont noch goed mensch, die my voor 't lest Helaes, wat hebt ghy voor? beschutI

45 Simeon. ghy moet in dezen put.

Joseph. Verdrinken in dien put ?

Levi. om van geen dranck te sterven,