Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van zijn

dichtwerken

vielen vooral in den smaak zjjn: Sinne- en Minnebeelden, korte versjes naar aanleiding van een prentje. Van het concrete geval, op het plaatje afgebeeld, gaat hij dan over op het abstracte (A. 2. 3. 4.). Dikwijls geeft hij bovendien nog eenige spreekwoorden, die ongeveer dezelfde waarheid behelzen. Zijn Spieghel van den Onden ende Nieuwen TJjdt was op dezelfde leest geschoeid, en trok eveneens veel lezers. De rijke en wonderlijke inhoud wordt met deze woorden weergegeven:

Het eerste deel begrypt de opvoeding van kinderen, door spreeckwoorden, zinnespreucken, gedichten en platen aengewesen • jonghelinghen en hun bedryf, reislesse, en de spreecktcoorden daertoe dienende zoo te water als te lande; van gelycken de jaght, paarden, honden en dergelyeken; alsmede het beleyt van eerlycke vrijaadje, bedrogene vrysters, verouderde maeghdm, en degenen die haere kans verkeken hebben; en ten laetste liefdeskortsprake, hetwelk is een kort begrip van allerley minneplighten.

Het tweede deel houdt in de grontregels voor gehuwde lieden, van huyselycke saken, winst, verlies, fparen, verteren, gasten nooden, grooten of kleynen staet houden, met vele gedenckwaerdighe spreucken van verscheyden natiën, op die en dergelycke gelegenheden.

Het derde deel behelst saken van state, ampten, officiën, plighten van prinsen, persoonen van hooghen staet, losheyt van menschelycke saken, christelycke bedenckinghen, sinnespreucken, den ouderdom, swackheden en siektens raekende; menighte van bemerekinghen, roerende onderhoudingh van de gesontheyt; en ten laetste bedenckelyeke spreuken, noopende het eynde van alle vleesch.

Tot zijn grootere werken behoort het Houwelyck, waarin hij de plichten der vrouw behandelt in de verschillende perioden van haar leven, terwijl de manlijke „tegenplighten" daarnaast gesteld worden.

Zijn Trouringh, behandelt een reeks „trouwgevallen" uit den Bijbel of de oudheid, en bevat tal van wijze lessen, dikwijls gestaafd met aanhalingen uit de bizonder talrijke werken, welke de zeer belezen dichter onder de oogen had gehad.

't Spreekt vanzelf, dat een zoo populair, en schijnbaar zoo gemakkelijk na te volgen dichter, veel bewonderaars en volgelingen had.

Die schijnbare gemakkelijkheid — een gevolg van de zelf-

Sluiten