Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2". evenveel koppels als er krachten in 't stelsel zijn Volgens den veelhoek van krachten hebben de krachten onder I . een kracht R tot resultante, en volgens de navolgende stellingen omtrent de koppels hebben de koppels onder 2» een koppel K tot resultante, zoodat elk stelsel krachten te herleiden ts tot een kracht en één koppel, en wel op een onbepaald aantal manieren, omdat men vrij is in de keuze van het reductiepunt. Eigenschappen van een koppel.

De werking van een koppel op een vast lichaam verandert niet: 1 als net willekeurig in zijn vlak

2; a,f hf [n ee" vlak evenwijdig aan het zijne verplaatst wordt, 3 . als de krachten en de hefboomsarm (onderlinge afstand der krachtvectoren) veranderd worden, doch zóó, dal het nament van 7 koppel (kracht maal hefboomsarm) niet gewijzigd wordt.

Deze drie eigenschappen laten zich in één stelling samenvatten door invoering van

de as van V koppel : een lijn loodrecht op 't vlak van 't koppel, die voorstelt'vi I "" ~ ^ PW den zin van t koppel

Stelling. Een koppel is door zijn as volkomen bepaald.

Terwijl dus een krachtvector slechts in zijn eigen richting mag

2 ^^ ' " h ^ Werking Van de kraCht °P 'tvaste dezelfde blijven mag de as van een koppel evenwijdig aan zich zelve

verpatst worden, zonder dat de werking van 't koppel daardoor gewijzigd zal worden.

Hieruit volgt nog de

.. : De resultante van een koppel en een kracht evenwijdig aan

sniidt de"k "1 "" kraCht evenwVdt8 en S'Hjk aan de kracht;

snijdt de krachtvector het vlak van 't koppel dan is de resultante een stelsel van twee kruisende krachten.

Omtrent de resultante van twee koppels geldt de volgende stelling bekend onder den naam van het lcu,,,ë.

Parallelogram van koppels.

nLT' T, f "»,PUnt de aSSen Van k°P^ * de diago-

hetzelfde i!u t t » *7"' °P ** °h **** 6<"*™n, en uit

hetzelfde punt getrokken, de as van het resulteerend koppel.

krKChtJ aan^ende in het punt ^ en zijn

, ontbondenen van t' volgens de coordinaatassen, die

onderling rechthoekig ondersteld worden, dan verkrijgt men als tot den oorsprong als reductiepunt herleid wordt:

Sluiten