Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoorde ik beweren, dat de oprichting van personae civiles. van zedelijke lichamen, niet gedekt wofdt door art. 10 van de Grondwet. Wat men in dit geval de rechtspersoonlijkheid noemt, heeft alleen betrekking — ik meen dit gisteren reeds te hebben aangetoond tot het privaat recht en wel tot dat omtrent de goederen. Wanneer ik de vraag nu op die wijze scheide, gelijk door dien afgevaardigde is gedaan, en zeg: het recht van vereeniging is erkend, maar al wat burgerrechtelijk aan die vereenigingen kan toekomen is aan de willekeur van de wetgevende macht overgelaten, dan, dunkt mij. wordt toch een hoofddoel van art. 10 der Grondwet voorbijgezien. Wat wil art. 10 van de Grondwet? Dat het recht van vereeniging door de ingezetenen van Nederland worde uitgeoefend op iedere wijze, die nuttig, die aan eenig goed doel bevorderlijk kan zijn. Het oordeel over dat nut moet in de meeste gevallen aan hen zeiven worden overgelaten. Zoo nu evenwel menig goed doel niet kan worden bereikt dan door oprichting van zedelijke lichamen, zullen wij, die willekeurig belemmerende, inderdaad de uitoefening van het recht van vereeniging belemmeren.

Ik wensch dit niet: ik wensch de kracht, die door vereenigingen kan worden ontwikkeld, op alle wijze vrij te laten. Ik geloof dat de laatstvoorgaande spreker (de heer Elout van Soeterwoude), zeer te recht dit gedeelte van het ontwerp genoemd heeft eene reactie tegen het Burgerlijk Wetboek. Het is, dunkt mij, ook eene reactie tegen die ruime, echt liberale beteekenis van art. 10 van de Grondwet. Ik wil. zooals ik gisteren zeide. regeling, eene vaste orde, maar niet eene erkenning of weigering zonder beginsel, zonder stelsel, eene erkenning te eenen male willekeurig. Ik wil erkend of geweigerd zien. ten gevolge van door de wet bepaalde regels. Men kan zonder eenigen twijfel — deze wet doet dit en ik keur het goed — zekere vereenigingen rangschikken onder de verboden vereenigingen, maar ten aanzien van de overige, die niet tot den kring der verbodene behooren. mag geene willekeur toegelaten zijn. De overige vereenigingen kan de wet regelen, maar zij moet die tevens waarborgen.

De spreker uit Tiel heeft, ten aanzien der vervanging van openbare orde door algemeen belang, de gewisselde stukken geraadpleegd: maar ik vind daar de verwisseling van uitdrukking toch niet verklaard. en eene verwisseling van uitdrukking op zulk een gewichtig punt is voorzeker niet zonder belang. In de redactie, die wij onderzocht hebben in de sectiën, stond: .De erkenning heeft geen plaats, wanneer uit de statuten is op te maken, dat de vereeniging als rechtspersoon gevaarlijk of schadelijk zoude zijn. Dus. eene politievrees voor die vereenigingen. dit maakte men er uit op, zou de erkenning kunnen doen weigeren. Nu wordt gezegd: de erkenning kan worden geweigerd op gronden, aan het algemeen

Sluiten