Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik heb tweederlei bedenking. Vooreerst ten aanzien van hetgeen, overeenkomstig met den aard van den post, daarin behoort te zijn begrepen.

^ an welke uitgaven is hier sprake ? Blijkbaar van die. waartoe eene gemeente \ erplicht is volgens de wet, doch welke ze niet in staat is te bestrijden.

Nu wenschte ik. Mijnheer de \ oorzitter, dat alle de uitgaven, welke op dien grond rusten en thans onder verschillende hoofden in het Yde Hoofdstuk zijn verspreid, in dit artikel wierden samengevat.

Hij voorbeeld, het subsidie dat van staatswege wordt toegekend ten behoeve van een gemeentewerk hetwelk de gemeente volgens de gemeentewet verplicht is te onderhouden, doch hetwelk ze niet kan onderhouden omdat haar vermogen te kort schiet, — behoort, dunkt mij, op dezen post. Bracht men dit daar. dan zou de ongelijkheid verdwijnen die nu tusschen den aard der subsidiën, onder art. 79 uitgetrokken, bestaat. De begrooting zal dan zelve aanduiden of het subsidie ter voldoening aan de wet of op andere gronden verleend wordt.

Eene tweede bedenking raakt eene bepaalde uitgave onder dit artikel aangevraagd. Men vraagt nagenoeg f 8000 ten behoeve van de gemeente Haarlemmermeer. Daarop is in de afdeelingen tweeërlei aangemerkt. Zoo aan eene gemeenta tegemoet behoort gekomen te worden uit de schatkist omdat ze hare plaatselijke uitgaven niet zelve bestrijden kan. behoort ook de provincie een deel bij te dragen. Een beginsel dat voor sommige onderwerpen reeds door de wet gevestigd is. Wat antwoordt de Regeering 'i „De noodzakelijkheid van het subsidie aangenomen, schijnt voor het verstrekken er\an het Kijk, dat zoo veel voordeel van de droogmaking geniet, in aanmerking te moeten komen vóór de provincie." Maar dit is de vraag niet. De vraag is niet of de provincie alleen met liet subsidie zal behooren te worden belast, maar of. wanneer er subsidie noodig is, de provincie niet verplicht zij een deel daarvan op zich te nemen. Dat de provincie daartoe, ook volgens het gevoelen des Ministers, kan gehouden zijn. blijkt uit hetgeen in dezelfde Memorie van Beantwoording op de aangehaalde woorden volgt. V\ aarom dan het beginsel in dit geval verzaakt ? De Staten der provincie zullen, zoo de wet niet spreekt en het Gouvernement niets van hen verwacht, het geheele subsidie gaarne laten voor rekening van het Wijk. Maar uit dergelijke toegefelijkheid van de zijde van het rijksbestuur spruit onrechtvaardigheid, zoo niet voor het oogenblik. dan gewis voor liet vervolg, voort. Derhalve, de noodzakelijkheid van het subsidie aangenomen, ware het rechtvaardig evenzeer als billijk, en met het stelsel onzer wetgeving overeenkomstig, indien dat subsidie over liijk en provincie verdeeld wierd.

Sluiten