Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behandeling van het amendement — de Minister, die zelf, gedurende de schriftelijke en mondelinge behandeling van deze wet, ons, juist ten aanzien van het strafsysteem, zoo menigerlei wijziging en afwisseling van denkbeelden heeft voorgedragen; zoodat het, voor mij althans, veel gemakkelijker is het stelsel van het amendement te begrijpen, dan dat der Regeering na de veranderingen, die het nog gisterenavond opnieuw, heeft ondergaan.

Dat de Minister dit amendement met een fin de non recevoir bejegent, dewijl het de grenzen van een amendement zou te buiten gaan. Mijnheer de Voorzitter, ik begrijp het evenmin. Waar zijn de perken van het recht van amendement? Ik geloof zij worden willekeurig gesteld. Ik kan ook niet zien dat deze amendementen in het geheele systeem van de wet grijpen; het zijn eenige samenhangende wijzigingen betreffende een onderdeel van het ontwerp, zooals ze van ieder lid mogen worden gewacht, dat zich met het voorstel der Regeering niet kan vereenigen, en toch de zaak wil helpen tot stand brengen. Er is. zoo voorbeelden behoefden te worden aangehaald om de handelwijze van den heer Sander te rechtvaardigen, méér dan één voorbeeld van amendementen, die in het plan van een voorstel der Regeering dieper indrongen dan dit amendement.

Een tweede woord van den Minister heeft mij nog sterker bevreemd, dit namelijk, dat hij, ten aanzien van een amendement, hetwelk nog niet in discussie was, waarvan hij de gronden nog niet hoorde betoogen, meent te mogen verklaren: rwierd dat amendement aangenomen, dan zou ik de wet intrekken."

Ik eerbiedig zoozeer als iemand de vrijheid der Regeering om zich niet te vereenigen met eene wijziging en het geheele voorstel in te trekken wanneer die wijziging wordt aangenomen; maar van te voren, wanneer een amendement nauwelijks aan de orde is gebracht, te verkondigen: „Neemt de Vergadering dat amendement aan. dan trek ik het geheele ontwerp in", dat, Mijnheer de Voorzitter, heeft mij bevreemd. Méér wil ik thans niet zeggen.

Intusschen, de Minister vindt zich bezwaard over dit amendement, reeds vóór eenige dagen ingediend, voetstoots te raadplegen ; hij wenscht schriftelijke behandeling, waarvan ik voor mij de noodzakelijkheid hoegenaamd niet inzie; na hetgeen met het ontwerp der Regeering is voorgevallen, inzonderheid met betrekking tot de regeling der straffen, dacht ik dat de zaak in de openbare vergadering onverwijld kon worden aangevat en afgedaan: maar indien de Minister onderzoek in de sectiën wenscht, %-erlang ik dat als lid der Kamer met en voor hem. Ik heb dus de eer voor te stellen, dat de amendementen naar de afdeelingen worden verzonden.

De amendementen werden naar de afdeelingen verzonden.

Sluiten