Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In December 1855 besloot deze Vergadering aan de Ministers liet verzoek om inlichting over de gerezen bezwaren te richten. Aan dat verzoek is nog niet voldaan: en mij dunkt, nu althans, nu het rapport verleden November is ontvangen, een lijvig stuk zooals de Minister zeide. kon die inlichting wel gegeven zijn.

Ik stel daarop te meer prijs, omdat ik niet wensch, dat deze aangelegenheid op de kronkelpaden der diplomatie blijve, welke men daarin, geloof ik. te vroeg heeft gemengd.

Mij dacht, dat de zaak eerst van onzen kant technisch moest worden onderzocht; en dan. wanneer van onzen kant de bezwaren wel waren geconstateerd of het overdrevene daarvan aangetoond, dan konden met vrucht onderhandelingen worden aangeknoopt; nu is men van het begin af den weg der transactie ingeslagen, 'met eene Regeering die bij afdoening, waarbij wij groot belang hebben, geen belang hoegenaamd heeft; en de zaak in handen van commissiën te stellen en te laten is een uitnemend middel om ze niet te bespoedigen.

Met genoegen zag ik onze Regeering het initiatief, door andere mogendheden genomen, volgen om de scheepvaart van de belemmeringen van den Sondtol te ontheffen. Hier te lande wenschte ik de Kegeering het initiatief te zien nemen om alle hulpmiddelen dei- nijverheid zoo vrij mogelijk te maken.

Met betrekking tot de sluiting der Zuid-Willemsvaart heeft de Minister van Buitenlandsche /aken bij de behandeling der laatste begrooting hoop gegeven, dat die sluitingen zeldzamer zouden worden; daartoe waren maatregelen genomen; en nu, in het eerst volgend jaar. wordt eene sluiting aangekondigd van den aanvang van Juni tot nagenoeg het eind van Juli. Welk een nieuwe belem^ mei ing \oor de binnenlandsche en buitenlandsche scheepvaart! Men zegt dat dit noodig is om van onze zijde werken te herstellen; ik dacht niet dat wij daartoe, na hetgeen is geschied, 7 of 8 weken behoefden. Dit wordt ook in de streken die er vooral belang bij hebben, niet ondersteld: daar beweert men, dat zóó lang wordt gesloten, omdat de Belgen werken willen uitvoeren; werken, die geene betrekking hebben tot de scheepvaart, niet in het belang zijn van het kanaal, maar in het belang van de irrigatiën, in een belang dus, dat tegen het onze gekant is.

Ik geef aan de Regeering in overweging, of het niet, ook wat dit punt betreft, goed ware de openbaarheid te hulp te roepen, en publiciteit te geven aan de redenen welke de sluiting vereischen Is de verdenking, die men koestert, ongegrond; dan zal zij worden weggenomen. Is zij daarentegen gegrond, dan kan men ze doen gelden waar het behoort.

Ik weet wel dat ook ten aanzien van de belangen, in die vaart betrokken, de Kegeering haar programma van verzoenende politiek

Sluiten