Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EERSTE VOORDRACHT.

redenen te staven, dat een zijner leerlingen, Ronald Ross, besloot te trachten, dat verband tusschen malaria en muskieten nader aan te toonen. Uitgaande van de veronderstelling, dat, als de muskiet werkelijk iets met de malaria heeft uit te staan, moest worden verwacht, dat de parasiet zich in de muskiet verder ontwikkelde, ging hij op groote schaal onderzoeken, wat er met de parasieten gebeurde, die met het bloed der malarialijders door de muskieten waren opgezogen. Twee jaar lang praepareerde hij dag in dag uit zooveel mogelijk muskieten, maar vond niets. Eindelijk, na twee jaren vruchteloos werken, kreeg hij een ander muskietengeslacht onder handen, en toen vond hij werkelijk ontwikkelingsvormen der malariaparasieten in de muskietenmaag. Toen hij zoo ver was, werd hij overgeplaatst naar een malariavrije streek. Gebrek aan materiaal maakte hem dus verdere studie in de met zoo veel moeite bepaalde richting onmogelijk.

Daardoor niet ontmoedigd, ging hij toen de ontwikkeling van een der vormen van vogelmalaria in een andere muskiet bestudeeren, welk onderzoek, behalve dat het van groot wetenschappelijk belang was, ook van zeer veel nut is geweest ter bevestiging en contröleering van latere ontdekkingen op het gebied der menschenmalaria.

Thans, nu wij weten, dat de malaria van den mensch alleen kan worden overgebracht door het geslacht anopheles, en dat het veel algetneener voorkomende geslacht culex daartoe volstrekt ongeschikt is, kunnen wij ons het langdurig vruchteloos zoeken van Ross gemakkelijk verklaren, maar dit neemt niet weg, dat wij eerbied verschuldigd zijn aan een zoo vaste wetenschappelijke overtuiging en een zoo taai volhardingsvermogen, die hem ondanks tallooze negatieve resultaten toch steeds in dezelfde richting deden doorzoeken.

Iets later dan Ross en onafhankelijk van hem publiceerde de italiaansche zoöloog ürassi zijne ontdekkingen op dit gebied, die, daar hij zijne aandacht direct had bepaald

Sluiten