Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoe vernuftig zjj ook was uitgedacht, hoe weinig inspanning zij ook '"voering van hare aanhangers zou gevorderd hebben en hoe veel gemakkelijker zij het ook de Engelsehe schooljeugd zou gemaakt hebben, lezen en schrijven te leeren.

Geene taal kan ons beter dan het Engelsch doen inzien , wat het eigenlijk karakter van eene schrijftaal is, die zich, zooals tegenwoordig met allo beschaafde schrijftalen het geval is, historisch ontwikkeld heeft, zonder dat de schnjfteekens zelf zjjn uitgedacht door het volk, dat er zich in schrift van bedient. Het alphabeth, aanvankei ijk gebrekkig en onvolledig voor de taal, waarvoor het was uitgevonden , is van het eene volk op het andere overgegaan, en bij lederen overgang moest het natuurlijk, bij het klankverschil tusschen de taal, waaraan het ontleend was, en die, waarvoor het werd aangewend, nog aan bruikbaarheid verliezen. Voor allerlei klanken kwamen teekens te kort: slechts zelden werd het ontbrekende door nieuwe teekens of wijziging van de oude aangevuld: meestal behielp men zich met één teeken voor twee of meer klanken Daarentegen werden overtollige teekens soms behouden om eenen klank aan te geven, die er oorspronkelijk niet door was afgebeeld. Toen de Eomeinen het schrift overnamen, was het reeds meermalen door verschillende volken voor hunne talen half en half pasklaar gemaakt, en allo Kelten en Germanen — en dua ook de bewoners van Engeland — die het van de Eomeinen overnamen, moesten weder zoo goed en zoo kwaad als het ging voor hunne taal gebruiken, wat wel beter, maar toch nog allesbehalve voortreffelijk voor het Latijn paste. Van den aanvang af werd het Engelsch gebrekkig neergeschreven. Daar volstrekt niet iedere klank aan een bepaald teeken beantwoordde, maar verschillende klanken door hetzelfde teeken werden aangeduid, kon het schrift dus ook niet volkomen den indruk geven van de spreektaal te weerspiegelen. Het werd van eene natuurlijke afbeelding eene conventioneele, waaraan men zich bij het aanleeren moest trachten te gewennen.

Dat leidde er van zelf toe, niet meer ieder klankteeken op zich zelf te beschouwen, maar in verband tot de andere klankteekens van hetzelfde woord, omdat men daardoor alleen de betrekkelijke waarde er van kon bepalen, m. a. w. men gewende er zich aan te lezen, zooals men ook spreekt, namelijk zonder te spellen. Ieder die de eerste schooljaren achter den rug heeft, heeft de kunst ge' leerd, te lezen zonder spellen. Do lettergroepen, die een woord vor-

Sluiten