Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om meervoud bij substantieven, relatief of absoluut overtreffenden trap bij adjectieven uit te drukken of aan de werkwoorden een intensief of frequentatief karakter te geven ').

In het Chineesch is sjung „zwaar" en sjung-sjung „zeerzwaar;" nüng is „duidelijk", „nüug-nüng „volkomen duidelijk." Ook het meervoud kan het Chineesch door verdubbeling vormen, evenals het Japansch en , onder de Oeral-altaïsche talen , die van Mandsjoeri. Hetzelfde is van de Maleisch-Polynesische talen bekend. In 't Maleisch is orang „mensch" en orang-orang „menschen." De Hottentotten maken door verdubbeling intransitieve tot transitieve werkwoorden. Ook de Indogermaansche talen schijnen in den grijzen voortijd die verdubbeling gekend te hebben en sommige vormen der pronomina worden er uit verklaard — zooals in 't Sanskrit de genitief singularis mama van het pronomen van den eersten persoon. In t Latijn wordt soms het reflexief pronomen tot sese verdubbeld, ofschoon zonder verschil van beteekenis, hoogstens ter versterking; alleen quisqiiis levert er een sprekend voorbeeld van, dat als onbepaald voornw. ook in beteekenis van het enkelvoudig vraagwoord quis verschilt.

Verder behoort ook do reduplicatie in de vervoeging der Indogermaansche werkwoorden tot de voorbeelden van verdubbeling, In het Sanskrit vindt men herhaling van den beginmedeklinker met den daarop volgenden wortelklinker of verkorten wortelklinker in het praesens en imperfectum van de werkwoorden der 3do klasse en in het perfectum van alle klassen. Bovendien zjjn desiderativa, intensiva en frequentativa daar van nature geredupliceerd. In het Grieksch hebben slechts eenige werkwoorden der «u-klasse reduplicatie in praesens en imperfectum, doch steeds met i als klinker. Perfectum en plusquamperfectum daarentegen hebben regelmatig de herhaling van den eersten medeklinker, maar in plaats van door den wortelklinker gevolgd door eene korte e. In het Latijn ig de reduplicatie geen regelmatig vervoegingsmiddel meer. Nauwelijks 25 werkwoorden vertoonen herhaling van den eersten medeklinker en den klinker van den perfectumstam in perfectum en plusquamperfectum. In het praesens is do reduplicatie nog slechts verscholen in gigno en sisto.

Van de Germaansche talen heeft alleen het Gotisch de reduplicatie

') Zie daarover A. F. Pott, Doppelung als ei nes der ivichtigsten Bildungsmittd der Sprache, Lemgo 1862.

Sluiten