Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weinig- Canadeezen echter verplaatsten zich naar de Arnerikaansche zijde en vormden in de volgende jaren geen gering contingent in het elk jaar .aangroeiende getal immigranten.

Nog veel sneller echter was de aanwas der bevolking door de natuurlijke vermeerdering, die het gevolg was van de gelukkige levensomstandigheden , waarin de meeste Amerikanen verkeerden, als zij werken wilden. Want voor den werkelooze was er geen plaats.

Het leven begon reeds toen in Amerika, althans in de noord-, i midden- en weststaten, dat gehaaste, onrustige, drukke en gedruischvolle te krijgen, dat het nu onderscheidt. Zooveel mogelijk werd alles op groote schaal gedreven met werktuigen, waar men in Europa nog de hand gebruikte. Het schijnt haast vreemd, dat de locomotief niet het eerst in Amerika praktisch is gebruikt, want voor de nieuwe wereld was hij veel meer een uitredding dan voor Europa. De groote afstanden toch waren er zonder twijfel een groot beletsel der ontwikkeling. In het oosten, in Nieuw-Engeland, New-York en Pennsylvanië werd zooveel mogelijk door kanalen in de behoefte van het verkeer voorzieu, want de aanleg en het onderhoud der wegen vereischte zelfs daar, in die betrekkelijk kleine landen, uitgaven, die moeilijk goed te maken waren; en sedert de stoomvaart was ingevoerd . wat in Amerika over 't algemeen vroeger plaats had dan in Europa, was deze al spoedig het gewone gemeenschapsmiddel op de groote rivieren, niet alleen op den Hudson, Potomae of Susquehannah, maar zelfs al op die van het westen. Ook op de meren, althans de oostelijke, begon zij in zwang te komen.

In 1830, toen de eerste spoorweg voor stoomwagens tusschen llaltimore en Ellicotsmills, een lijntje van 24 kilometer, voor het verkeer was geopend geworden, telde men al 300 stoomschepen op de binnenwateren, en hun getal nam bijna dagelijks toe. Maar sedert die eerste spoorlijn wierp zich de meer en meer ontwakende, ongeevenaarde ondernemingslust der Amerikanen bovenal op de spoorwegen. Na vijf jaar bedroeg het Arnerikaansche spoorwegnet reeds 2000 kilometers, en in 1840 was dat getal reeds veel meer dan verdubbeld, ongeveer viermaal zooveel als dat, waar Engeland zich toen op kon beroemen, 't Is waar dat in het volgende tiental jaren wel een goede 3000 kilometers meer geëxploiteerd werden, maar Engeland toch naar verhouding sterker was gestegen Voor den vreemdeling waren de spoorwegen een der merkwaardigheden van het land; bij hun aanleg

>e spoorwegen en hun beteekenia foor de ontwikkeling.

Sluiten