Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op den duur een strijd werd van alles wat het land aan intelligentie bezat tegen het despotisme van Rosas, den aanvoerder der landprovinciën. Een man van geweldige, voor niets terugdeinzende energie, maakte hij de scharen der krijgshaftige Gauchos (de verwilderde Pampa-herders) tot de kern eener hem bliudelings gehoorzamende partij. Het was het minst ontwikkelde deel der bevolking, waarop hij zijn onbeperkt en mateloos misbruikt gezag grondvestte. Zoo ontstonden in de La Platalanden schrikkelijke toestanden. Vijf en twintig jaren lang duurde deze de vrijheid van geheel het zuiden van het werelddeel bedreigende heerschappij; eerst de verbinding van Rosas' binnenlandsche tegenstanders met de naburige staten bracht die in 1852 ten val. Doch de partijschap bleef met een zelfs in Zuid-Amerika ongehoorde verbittering voortduren. Toch bestond er een zeker onderscheid tusschen deze burgertwisten en de meestal slechts uit de tweedracht der partijhoofden ontstane revolutiën in de overige staten. Immers hier stond de grootste en meest ontwikkelde koopstad van het zuidelijke continent tegenover het grootendeels onbeschaafde, door de groote landbezitters beheerschte binnenland, die, beiden economisch van elkander afhankelijk, niet van elkander konden scheiden en toch niet wisten hoe met elkander te leven. Nog jaren moesten verloopen eer een blijvend vergelijk tot stand kon komen, dat beider belangen tot hun recht deed komen.

Niettegenstaande die eiudelooze strijd en het schrikbewind van Rosas den nadeeligsten invloed had op de ontwikkeling van het land en den bloei van zijn hoofdstad, waren de natuurlijke voorrechten van beide zoo groot, dat de wereldhandel en zelfs de landverhuizing zich niet lieten afschrikken. Zoo groot was het belang van den eersten bij de toestanden aan den La Plata-mond, dat herhaaldelijk Europeesche staten zich in de geschillen mengden en dat de val van Rosas' heerschappij niet het minst door zijn oorlog met Engeland en Frankrijk werd verhaast. Ook de beslissing over het lot der Banda Oriental, welke in die dagen Buenos-Ayres en Brazilië elkander betwisten, werd door Engelsche inmenging in 1828 beslist. Een stad met een ligging als Montevideo was te noodzakelijk voor den Europeeschen en in het bijzonder den Britschen handel om haar bestaan niet zooveel mogelijk te bevestigen. Zoo ontstond de betrekkelijk kleine, maar vooral door het bezit van de hoofdstad voor de handelswereld uiterst belangrijke republiek Uruguay, die met groote moeite, maar toch met goed gevolg haar zelfstandig bestaan tegen Rosas handhaafde.

Sluiten