Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op zich zelf een vrij onschuldige maatregel, die echter talloozen moest ergeren. Veel ingrijpender was de verklaring der algeheele vrijheid van vereeniging en van drukpers, met gelijktijdige afschaffing van het dagbladzegelen, zonder twijfel een onvermijdelijke maatregel, maar waarvan het noodzakelijk gevolg het openen van tallooze politieke clubs was, meest van sterk democratische, niet zelden ook van socialistische richting, en daarnaast het ontstaan van een goedkoope volksdagbladpers , waarin dezelfde denkbeelden werden verkondigd. De meeste dier blaadjes hadden slechts een kortstondig bestaau, maar zij deden ontzaglijk veel om de werklieden op te winden en de bezittende klassen bevreesd te maken. Want dat alles geleek zooveel op de groote revolutie, dat schrikbewind en zelfs guillotine en staatsbankroet in het gezicht schenen te komen, niettegenstaande de doodstraf voor politieke misdrijven werd afgeschaft. Een algemeene stilstand van zaken, een algemeen sluiten van werkplaatsen en dientengevolge een ontzaglijke schok aan het crediet van staat en particulieren en het op straat zetten van groote massa's werklieden was het natuurlijk gevolg van de plotselinge en ongegronde, maar daarom niet minder verklaarbare vrees van ieder die wat te verliezen had. En alsof dat alles niet genoeg was om de verwarring te vergrooten, werd nog de toelating van alle meerderjarige ingezetenen tot de nationale garde aan de regeering afgedwongen en daardoor, om zoo te zeggen, iederen Parijzenaar een wapen in de hand gegeven, op het oogenblik dat bijna elke gewapende macht in de hoofdstad ontbrak. Want de troepen had men, op het gebiedend verzoek der republikeinen, Parijs en omliggende forten moeten doen ontruimen. Vele korpsen waren overigens dooide rol, tot welke men ze in de Februaridagen gedwongen had, zoo gedemoraliseerd, dat alle krijgstucht verdwenen en er vooreerst niets met aan te vangen was. Evenzoo was het met de politie en de municipale garde. De laatste had men moeten ontbinden. In haar plaats had de nieuwe politie-prefect, Caussidière, zijn eigen manschappen , de gedisciplineerde émewtiers , die bij eiken radicalen opstand vooraan hadden gestaan en ook thans op den 23sten en 24sten meestal de spits hadden afgebeten, gesteld , voor een deel personen van uiterst verdacht verleden, maar gewoon aan zijn lang niet zachte hand. Want Caussidière, de eeuwige samenzweerder voor de republiek, was een gestrenger chef dan de meeste deftige politiemannen met wie hij steeds te kampen had gehad; wonderlijk genoeg, bleken hij en zijn man-

16

Sluiten