Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gemeten volksvrijheden hoofdschuddend toe, en zocht zich te onttrekken aan een beweging, welke zoo zeer haar doel voorbijschoot, dat zelfs een terugkeer tot het verleden haast beter scheen dan een dergelijk doorhollen.

Het verloop der zitting van den Vereenigden Landdag in Pruisen was een zichtbaar teeken, dat in Duitschland de nieuwe tijd begon aan te breken, dat de oude patriarchale regeeringsvorm had uitgediend. Een ieder wachtte er dan ook op de dingen die komen zouden, maar niemand had een voorstelling van wat er moest komeu. Doch in één opzicht waren allen het eens: de Bond moest geheel en al veranderd worden, of liever in de plaats van den Bond moest iets anders komen. Reeds in het najaar van 1847 hielden een aantal liberalen uit Baden, onder leiding der beide bekende democraten Hecker en Struve, te Offenburg een bijeenkomst, waarin zij de wenschen hunner partij scherp formuleerden; nevens vrijheid van drukpers, vereeniging en godsdienst, werd daar van algemeene Duitsche volksvertegenwoordiging en progressieve inkomstenbelasting gewaagd. Iets later hielden een aantal gematigd liberale afgevaardigden der verschillende Zuid-Duitsche landdagen te fleppenheim een samenkomst met aanzienlijke leden van den Vereenigden landdag, en daar hadden de Badener Mathy en de Darmstadter Hendrik von Gagem voor een nadere vereeniging van alle leden van het Tolverbond onder Pruisische leiding gepleit, onder gemeenschappelijke regeering, maar tevens met gemeenschappelijke vertegenwoordiging. In Januari van 1848 was een voorstel van dergelijke strekking ingediend in den Badenschen landdag, t Bleek dus duidelijk hoezeer alle partijen een verandering begeerden, maar tevens hoezeer de denkbeelden omtrent die verandering uiteenliepen.

Frederik Willem IV wilde bewijzen dat hij geenszins de verstokte conservatief was, waarvoor hij doorging, sinds hij in onvrede met zijn volk den Vereenigden Landdag had gesloten; hij liet in dienzelfden tijd voorstellen doen aan den Bondsdag omtrent reorganisatie van d< militaire bondsinrichting en de instelling van een bondsgereclitshof er omtrent bondswetgeving in handels- en verkeerszaken. Hij wildi echter niet minder doen blijken dat hij evenzeer van den nood de: tijden op de hoogte was als de Duitsche natie en dat het niet aai de onderdanen stond, maar aan de vorsten om dergelijke veranderingei ter hand te nemen.

Begin der Duitsche be weging.

I

P I I

Sluiten