is toegevoegd aan je favorieten.

Geschiedenis van onzen tijd sedert 1848

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder zulke omstandigheden eenige onderneming beproeven, wie vertrouwen op het gegeven of verpande woord, wie was in staat te verzekeren dat hij na verloop van zekeren tijd dat woord kon gestand doen! De algemeene stilstand van zaken had natuurlijk groote armoede en deze nieuwe ontevredenheid tengevolge. De kleine burger en de werkman leed er het meest onder. Talloozen, die anders alleen aan den arbeid voor het dagelijksch brood hun aandacht plachten te wijden, gingen thans als 't ware geheel op in de politiek en verzuimden hun zaken voor vergaderingen en allerhande meer of mindi r vruchtbare ambtsvervullingen. Honderden van menschen, van wie niemand buiten hun naasten kring ooit had gehoord, verkregen opeens een geweldigen naam en hielpen de wereld regeeren en hervormen. Wie eenigszins vaardig met de pen was, wierp zich op als voorlichter der menigte in een van de houderden dagbladen, die overal, dank zij het verdwijnen der censuur en van alle andere drukpersbepalingen, tt voorschijn kwamen. Zelfs de meest conservatieve aristocraten moesten, tenzij zij zich op genade en ongenade aan de luimen van de lieerschende menigte en harer leiders wilden overgeven, zich door persoonlijk optreden een zekere populariteit of soms een zekeren eerbied verzekeren. Zich aan den storm onttrekken kou niemand. Een regeering bestond eigenlijk nergens; er werden wel oneindig veel besluiten afgekondigd, maar niemand droeg zorg voor de uitvoering, tenzij de volksmenigte die zelf in de hand nam. Niemand was zeker, dat wie heden op het kussen zat, morgen niet er afgestooten zou zijn. Zelfs in landen met een zoo spreekwoordelijk gemoedelijke en slechts langzaam beweeglijke bevolking als Mecklenburg, werden in steden en dorpen revolutiounaire vergaderingen gehouden en de landbezittende adel gedwongen tot afstand van dingen, die hij gewoon was als zijn onverbreekbaar recht te beschouwen. In de kloven der gebergten van Sicilië en Calabrië juichten de halve wilden, die van een regeering niet anders wisten dan dat zij geld eischte van de menschen, die geen geld hadden, een vrijheid toe, waarvan zij niet het minste begrip hadden, en eerzame handwerkslieden in de Slavische steden van Oostenrijk lieten hun arbeid rusten, om in bonte dracht met een vervaarlijke sabel op zijde, in volksvergaderingen en raadzalen zich heesch te schreeuwen ter eere der vrijheid en het zelfbestuur van stamgenooten, die zij niet zeldeu niet eens verstonden! 't Was waarlijk niet vreemd, dat velen de geheele wereld één groot losgebroken