Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De presidentsverkiezing.

Junidagen had gered, Cavaignac, evengoed zou kiezen, als de Amerikanen Washington hadden gekozen. Zij liet zelfs de gelegenheid ontsnappen om diens mededinger, dien zij soms onwillekeurig vreesden, al lieten zij hem duidelijk hun geringschatting blijken, onschadelijk te maken, door leden van familiën die over Frankrijk geregeerd hadden, uit te sluiten, wat wel voorgesteld, maar ook weder ingetrokken werd. Evenzoo verzuimden zij de gelegenheid om de macht van den president te beperken, door het invoeren van verschillende bepalingen, en de verkiezing uit te stellen totdat dit geschied was. Het eenige wat gedaan werd bestond in de invoering van het later zoo bekend geworden artikel 68, dat den president, de ministers en de ambtenaren voor iederen regeeringsmaatregel, waaraan zij deelnamen, verantwoordelijk maakte. Elke ontbinding of andere daad, waardoor de president der republiek de Nationale Vergadering in haar werkzaamheid belemmerde, werd voor hoogverraad verklaard en deed van zelf zijn ambtsbevoegdheid ophouden. Het hoogste gerechtshof was verplicht hem onmiddellijk, zonder nadere aanklacht of aanwijzing terecht te stellen. Maar verder ging men niet. Men wilde tot eiken prijs aan den voorloopigen toestand een einde maken en aan Frankrijk een vaste regeering geven. De verkiezing van den president werd op den 10d,n December bepaald, terwijl den 4den November, bij eindstemming, de geheele constitutie werd aangenomen ; slechts dertig leden stemden tegen, maar een aantal onthield zich.

De constitutie had een aantal der door de voorloopige regeering ingevoerde maatregelen bevestigd; de afschaffing van de doodstraf bij staatkundige misdrijven, de afschaffing der slavernij in de koloniën, eindelijk het algemeen stemrecht. Maar het ontbrak aan voldoende wettelijke waarborgen. Slechts bij een groote mate van plichtsbesef bij den president kon een samenwerken van dezen met de enkele vergadering, die naast hem Frankrijk moest regeeren, verkregen worden. Ieder voelde dat er slechts één man was, die dat bezat, Cavaignac. Hij was de aangewezen candidaat van allen, die oprecht een proef met de republiek als regeeringsvorm wilden nemen. Maar Cavaignac was niet populair. Hoewel een verdienstelijk generaal, was zijn naam niet verbonden aan eenig schitterend wapenfeit; hij was slechts een der velen die in Afrika roem verworven hadden. De werklieden haatten hem als hun overwinnaar in de Junidagen. Het volk kende hem niet; de boeren, die weinig voor een republiek voelden, stelden geen

Sluiten