is toegevoegd aan je favorieten.

Geschiedenis van onzen tijd sedert 1848

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eener betrekkelijk zeer liberale grondwet voorgelegd, die echter noch den clubleiders, noch den radicalen afgevaardigden naar den zin was. Dezen zochten de revolutie te doen erkennen als den grondslag, waarop alles moest worden opgebouwd, en wilden elk verband met het verleden verbroken hebben. Volgens hen was sedert den 18den en 19(len Maart de volkssouvcreiniteit de hoogste macht in Pruisen. Zij eischten dan ook van de vergadering den 89ten Juni de verklaring, dat zij, die dat met geweld hadden verworven, de volksstrijders van die dagen, zich jegens het vaderland hadden verdienstelijk gemaakt. De verklaring werd verworpen, maar de breuk tusschen den koning en de vergadering was nu onvermijdelijk.

Berlijn was een groote stad, waar thans, tengevolge der onlusten, bijna alles stilstond en waar allerlei volk van buiten binnenstroomde, evenals dat te Parijs na de Februari-revolutie was geschied; de werklieden zonder werk en zonder brood begonnen hetzelfde te doen als te Parijs, politieke clubs en volksvergaderingen te bezoeken en zich meer en meer voor het souvereine volk te houden. Nu zij als zoodanig door de radicalen in de vergadering waren erkend, lieten zij zich niet langer door de burgerij, die terstond een nationale garde (of burgerweer, zooals men in Duitschland placht te zeggen) had gevormd, in toom houden. Ministers en conservatieve afgevaardigden werden op straat mishandeld; bij een oproer, dat de burgerweer niet wist te beletten, werd het tuighuis, door "het volk" zooals men zeide, bestormd en geplunderd, terwijl de radicalen van de vergadering de verklaring wisten te verkrijgen dat zij voldoende door de bevolking van Berlijn beschermd was en er dus geen troepen in de stad noodig waren! Het gevolg was, dat er voortdurend tumulten plaats hadden, die soms tot bloedige botsingen aanleiding gaven. De radicalen werden hoe langer hoe meer meester in de vergadering; zij zetten door dat niet over het grondwet-ontwerp der regeering zou worden gehandeld, maar dat een commissie uit de vergadering een nieuw ontwerp, natuurlijk op democratischen grondslag, zou samenstellen. Van toen af lag het voor de hand dat er van geen compromis tusschen regeering en vertegenwoordiging meer sprake kon zijn. Onder dergelijke omstandigheden was ook geen vastheid in de regeering mogelijk. Het ministerie Camphausen gaf het op te trachten met |de meerderheid der vergadering te regeeren, en zijn evenzeer liberale opvolgers. Hansemann en Auerswald, slaagden er niet beter in.